- Internationaal hoofdkantoor: New York,
Verenigde Staten
- Aidsmedicijnen: atazanavir (ATV), didanosine
(ddl) en tenofovir disoproxil fumarate/emtricitabine/efavirenz
Atazanavir
(merknaam: Reyataz) is een aidsremmer die recent is
ontwikkeld. Het is een van de weinige medicijnen die in
ontwikkelingslanden gebruikt wordt voor een tweedelijnsbehandeling
voor aids (als de standaard, eerstelijns behandeling is mislukt).
Atazanavir hoeft maar één keer per dag worden ingenomen.
Bristol-Myers Squibb heeft echter nog niet onderzocht of atazanavir
ook aan kinderen onder de 6 jaar toegediend kan worden. Als
atazanvir in de patentenpool komt, zouden er meer opties komen voor
tweedelijnsbehandelingen komen.
De Wereldgezondheidsorganisatie raadt aan om
didanosine (merknaam: Videx)
samen met andere aidsremmers te gebruiken voor een
tweedelijnsbehandeling. Juist aan medicijnen voor
tweedelijnsbehandelingen is er een groot tekort in arme landen. Met
didanosine in de patentenpool kunnen er nieuwe
combinatiebehandelingen én speciale versies voor kinderen
ontwikkeld worden.
Tenofovir disoproxil
fumarate/emtricitabine/efavirenz (merknaam:
Atripla) is een veelgebruikte combinatiepil. Bristol-Myers
Squibb heeft, samen met collega-medicijnfabrikanten Gilead en
Merck, hierop het patent. Het voordeel van deze combinatiepil op
andere combinatiemedicaties is dat deze slechts één keer per dag
geslikt hoeft te worden (in plaats van 2 of 3 keer per dag). In de
wereld van de aidszorg is dit een grote, positieve ontwikkeling:
hierdoor wordt het mogelijk om méér mensen te behandelen in arme
landen. Juist daarom moet ook deze combinatiepil in de patentenpool
komen.