Op 31 december 2010 had Artsen zonder
Grenzen een reserve van ongeveer 8 maanden. Dat betekent dat als
alle inkomsten ineens zouden wegvallen, de projecten en het
hoofdkantoor nog 8 maanden door zouden kunnen draaien. Door die
reserve kan Artsen zonder Grenzen snel reageren als er een ramp
gebeurt, of als er een conflict uitbreekt en er ineens ergens
honderdduizenden mensen op de vlucht zijn geslagen die dringend
medische hulp nodig hebben.
Ook geeft dit ons de mogelijkheid om
hulpverleningsactiviteiten te starten die staan of vallen met de
onafhankelijkheid en neutraliteit van Artsen zonder Grenzen.
Bijvoorbeeld hulp bieden in gebieden waar de nood hoog is, maar
waarvoor internationaal nauwelijks of geen fondsen beschikbaar zijn
(bijvoorbeeld Nigeria, Rusland/Noord-Kaukasus), of wanneer wordt
besloten dat institutionele financiering in strijd is met de
principes van Artsen zonder Grenzen (in 2010 gold dit met name voor
Pakistan en Somalië). De omvang van de reserve blijft ruimschoots
binnen de norm van een maximale reserve van 18 maanden zoals
voorgeschreven door het Centraal Bureau voor Fondsenwerving
(CBF).