In Bangladesh leven er duizenden Rohingya's, een moslimminderheid die de gewelddadige onderdrukking in Myanmar (Birma) probeert te ontvluchten. Zo'n 26.000 verblijven in twee officiële vluchtelingenkampen, maar zo'n 7.600 worden niet als vluchteling erkend en leven in stuitend smerige en deplorabele omstandigheden op een overvol stuk land, zonder hulp van UNHCR of Wereldvoedselorganisatie. Artsen zonder Grenzen werkt er in alle kampen.
Fotoreportage is uit december 2007.
Er is geen schoon drinkwater in het Tal Kamp. De bewoners moeten 5 kilometer lopen naar de dichtstbijzijnde bron. Een zware klus die vaak de taak is van vrouwen en kinderen.
Een vrouw wacht op de uitslag van een medisch onderzoek in de kliniek van Artsen zonder Grenzen.
Een ziekenzaal in de kliniek van Artsen zonder Grenzen. Het dodelijke malaria is een van de meest voorkomende ziekten onder de vluchtelingen.
Een familieportret waarin de mannen ontbreken. Veelal zijn de mannen maanden weg op zoek naar werk om hun gezin in leven te houden.
Een jongen draagt een bord met klontjes klei om de muren mee dicht te smeren.
De hele familie helpt mee met de bouw van een nieuw onderkomen.
Mensen bouwen een nieuw onderkomen nadat de Bengaalse overheid hun huisjes aan de kant van de weg heeft platgegooid.
Alleen officieel geregistreerde vluchtelingen hebben recht op voedsel en hulp van de UNHCR. Dit familieboek is dan ook van onschatbare waarde.
Een smal 'steegje' in het overbevolkte Tal Kamp, ingeklemd tussen een rivier die de grens vormt met Myanmar en een snelweg.
Overzicht van Tal Kamp. Hier hebben zo'n 7.600 Rohingya vluchtelingen uit Myanmar (Birma) hun heil gezocht op een stukje land van 800 bij 30 - 50 meter.
Stuur deze pagina door aan een bekende.