In de Democratische Republiek Congo woedt een mazelenepidemie die al vele kinderlevens heeft geëist. Sinds oktober 2010 voeren Artsen zonder Grenzen teams overal in het immense land vaccinatie-acties uit. Ook in de zuidoostelijke provincie Katanga, bijna ter grootte van Zwitserland, gingen onze hulpverleners op pad. Over water, wel te verstaan. Verpleegkundige Heleen Hanje gaf leiding aan de vaccinatieteams die per boot de – afgelegen - dorpjes langs de Congo-rivier bezochten. Zij enten 65.551 kinderen in en behandelden 1.047 kinderen voor mazelen.
De fotoreportage is van oktober 2011.
Nauwkeurige kaarten van het gebied zijn er niet. Het team vindt zijn weg met een kaart die getekend is door de hoofdverpleegkundige van een lokale kliniek. Aan de hand van de kaart wordt gepland waar de teams naartoe gaan, hoeveel brandstof er nodig is, en hoeveel dorpen er op één dag bezocht kunnen worden.
Vissersbootjes op het Upembameer. Het meer sluit aan op de rivier de Congo door een reeks kanalen en maakt deel uit van een van de grootste nationale parken van Congo. Het meer vormt voor honderdduizenden mensen een manier om de kost te verdienen, maar voor het vaccinatieteam is het een uitdaging de bevolking te vinden die veelal tijdelijke nederzettingen stichten.
Deze ‘dorpjes’ kunnen alleen per boot bereikt worden en soms trekken er hevige regenbuien over, gepaard met een flinke storm. Hier wordt het plastic dat over de boot gespannen is tegen de regen uit het zicht van de schipper gehaald.
De ‘relais communautaire’, een team van gezondheidswerkers, kondigt vanaf het water de komst van het vaccinatieteam aan terwijl ze met een bootje op de nederzetting afvaren.
Onderweg brengt verpleegkundige Heleen Hanje extra mazelenvaccins naar een team.
Een jongetje gaat het vaccinatieteam voor dwars door het papyrusriet naar de volgende cluster mensen.
Als onderdeel van de vaccinatieactie worden kinderen op ondervoeding gescreend. Hoofdverpleegkundige Cedric meet met een multigekleurd armbandje, een zogenaamde MUAC tape, de bovenarm van het kindje. Dit kindje zit in de groene zone (meer dan 13,5 cm omtrek) en heeft dus geen hulp bij ondervoeding nodig.
Van ieder kind wordt naam, leeftijd, geslacht, buurt, dorp en datum van vaccinatie op een vastgelegd. Zo heeft het jongetje of meisje een kaart waarmee ze kunnen laten zien wanneer hij of zij tegen welke ziekte(n) gevaccineerd is.
Voordat de inenting wordt toegediend ontsmet de verpleegkundige het armpje van het kind.
De kinderen zijn doorgaans erg bang zijn voor de inenting en gaan vaak hard schreeuwen of huilen. Dit kindje is de kalmte zelve. De mensen maken matten van de papyrus om onderkomens te maken.
Een meisje laat trots haar arm zien na gevaccineerd te zijn.
Kinderen krijgen paarse inkt op hun pink om aan te geven dat ze al ingeënt zijn. Dit baby’tje, koud 6 maanden oud, sliep door alles heen.
Een vrouw met haar – zojuist tegen mazelen ingeënte - kinderen in het dorpje Nyonga.
Nieuwsgierige kinderen werpen een blik in een hut waar gekookt wordt.
Na aan het eind van de dag in de stromende regen alle spullen weer ingepakt te hebben en ingeladen te hebben op de boot gaat het team, uitgeput en doorweekt, terug naar het basiskamp van Artsen zonder Grenzen.
Het basiskamp van Artsen zonder Grenzen in de Kadya gezondheidspost, de teams slapen buiten in tenten, in het centrum blijft het de hele nacht druk. Andere teams gingen per motorfiets en terreinwagen op pad. In totaal hebben onze hulpverleners in Katanga 579.795 kinderen tegen mazelen ingeënt en 13.746 kinderen ervoor behandeld.
Stuur deze pagina door aan een bekende.