Naam Mohamed Hashi
Leeftijd 38 jaar Functie
Verantwoordelijke tbc-programma Projecten Somalië
(Galkayo) Studie Boekhouden en management in
Mogadishu
'Ik werd geboren in Mogadishu, maar oorspronkelijk
komt mijn familie uit Puntland, de noordelijke regio van Somalië.
Op mijn tweeëntwintigste verliet ik Mogadishu en ben sindsdien niet
teruggekeerd. Ik begon in 1992 bij Artsen zonder Grenzen als
administratief medewerker. Artsen zonder Grenzen gaf toen medische
noodhulp aan Somalische vluchtelingen in het Liboi
vluchtelingenkamp in Kenia. 4 jaar later ben ik teruggekeerd naar
Somalië en ging in Galkayo wonen, meer naar het noorden waar veel
van mijn familieleden naar zijn getrokken toen zij Mogadishu
verlieten vanwege de oorlog.'
Tuberculose
'Galkayo is de thuisstad van de clan waar wij
bij horen. De stad wordt door een onzichtbare lijn gescheiden: twee
verschillende clans hebben ieder de macht over een deel van de
stad. Ik verlaat mijn deel van de stad nauwelijks en als ik de stad
uitga, dan ga ik naar het noorden, naar de Puntlandregio die in
handen is van onze clan. Na een tijdje als leraar te hebben
gewerkt, ben ik weer voor Artsen zonder Grenzen gaan werken als
voorraadbeheerder. Daarna werd ik assistent-projectcoördinator en
nu ben ik verantwoordelijk voor ons tuberculoseprogramma in
Noord-Galkayo. Wij hebben nu rond de honderd patiënten in onze
tuberculosekliniek.'
Vermoord
'Geweld maakt deel uit van het dagelijks leven
hier. Zelf ben ik gelukkig nooit aangevallen of verwond, maar
mensen in mijn familie wel. In 1991 zat mijn vader voor een
theehuis in Kismayo, een stad in het zuiden. Hij zat daar gewoon en
is toen doodgeschoten. Niemand weet door wie of waarom. Een van
mijn broers werd ook in Kismayo vermoord. Ook bij hem was het
onbekend wie de schutter was, maar deze keer was het motief
duidelijk: diezelfde nacht werden 60 mensen van onze clan gedood.
Een zus van mij werd gedood in Baidoa, een stad ten westen van
Mogadishu. Bandieten vielen 's nachts haar huis in, iedereen sliep
nog en ze schoten haar neer. Ditmaal had het niets met clans te
maken, maar ging het zuiver om een beroving, om geld.'
Iedereen loopt gevaar
'Er is teveel geweld in Mogadishu. Galkayo is
kleiner en minder mensen betekent minder geweld. In Galkayo ben ik
dicht bij mijn familie en mijn clan en we overleven. Mijn moeder, 3
zussen en 2 broers leven nog steeds. 2 van hen wonen nu in Kenia,
de rest hier in Galkayo. Ik en mijn vrouw hebben 6 kinderen.
Natuurlijk is het hier - volgens Europese normen - niet veilig,
maar in Somalië is niemand ooit volledig veilig. Iedereen loopt
hier gevaar: hier blijven is zo veilig als nu mogelijk is.'
Waarom ik bij Artsen zonder Grenzen werk
'Ik wil mijn volk helpen. Ik heb hoge
waardering voor de humanitaire hulp die Artsen zonder Grenzen geeft
aan mensen in nood. Ik ben erg blij met de ervaring die ik opdoe in
mijn werk en ik hoop dat ik nog lang voor Artsen zonder Grenzen zal
werken en zo dit werk voort te zetten in de toekomst. Insjallah,
als God het wil.'