Naam Saskia de Bruin Leeftijd
31 jaar Functie Arts Projecten
Somalië (2 locaties) Studie Geneeskunde met
specialisatie tropenarts
'Elke dag om acht uur 's ochtends reden we in konvooi
- met gewapende bewakers - naar het ziekenhuis. Voor het donker
moesten we weer terug zijn. Buiten het woonterrein houden de
vrouwelijke internationale medewerkers zich aan de heersende
kledingvoorschriften: een hoofddoek en een wijdvallende jurk tot op
de grond. Ik had er geen moeite om zo te moeten werken, al dreigde
de sjaal tijdens chirurgische ingrepen soms wel te vallen of duurde
het even voordat ik mijn stethoscoop in mijn oren kon krijgen.
Neergeschoten door ontevreden klant
Een doorsnee werkdag: visite lopen op de
verpleegafdeling en de kraamafdeling. Tussendoor word ik regelmatig
weggeroepen om een wond te beoordelen. In de spoedeisende
hulpafdeling krijgen we geregeld schotwonden binnen: vanwege
gevechten tussen gewapende groepen, maar ook door ruzies. Iemand
die neergeschoten werd omdat hij zijn huur niet kon betalen, een
man wiens broer het wapen trok vanwege een conflict over een stuk
land - zelfs een kapper die door een ontevreden klant werd
neergeknald.
Anarchie
Het is soms lastig te begrijpen. Mensen zijn
zo gewend geraakt aan dit geweld en er is geen rechtssysteem: bij
een geschil wordt er snel naar een wapen gegrepen. 's Middags
voerde ik regelmatig operaties uit, alleen of samen met een
Somalische arts: open botbreuken, amputaties, schotwonden en
keizersneden. En aangezien er al zo lang anarchie heerst in Somalië
en er nauwelijks scholingsmogelijkheden zijn, is training een
belangrijk deel van ons werk. Onze medewerkers zijn ontzettend
gemotiveerd: dit is voor hen vaak de enige manier om bij te scholen
en hogerop te komen.
Zwaar
Er zijn in dit gebied nauwelijks medische
voorzieningen, vaak komen de mensen van honderden kilometers ver
weg naar ons toe, zelfs uit Ethiopië. Ik vond het interessant om in
een internationaal team te werken; de Somalische artsen hebben een
goed gevoel voor humor. Tijdens mijn missie van negen maanden moest
ik ook - preventief - evacueren. Pakken en weggaan is moeilijk en
emotioneel, je weet nooit of je nog terug kunt komen. Je weet dat
het erg hard werken wordt voor de Somalische medische staf, dat je
je training niet af kunt maken, dat patiënten kunnen besluiten niet
te komen omdat wij er niet zijn, ook al doen onze Somalische
medewerkers echt fantastisch werk. Dat is zwaar.
Trots, dapper en sterk
Mijn missie is nu voorbij, maar deze
herinneringen draag ik met me mee. Een zwangere vrouw die na negen
dagen weeën een keizersnede moest ondergaan. Hoewel uitgeput,
weigerde ze op een brancard naar de operatiekamer te worden
gebracht. Ze wilde zelf lopen: trots, dapper en sterk. Een jongen
uit Mogadishu wiens gezicht voor de helft was weggeslagen door een
bom. Hij was daar geopereerd maar moest vanwege geldgebrek het
ziekenhuis verlaten. Twee jongens van 9 en 11. De een had
tuberculose met hersenvliesontsteking, zijn hoofd deels kaal omdat
hij door een traditionele genezer was behandeld. De ander had een
knie-abces. Ze strompelden samen overal heen. Ze wachtten ons 's
ochtends op als we aankwamen en zwaaiden ons 's middags - met een
onweerstaanbare glimlach - ook weer uit.'
Waarom ik voor Artsen zonder Grenzen werk(te)
Voor mijn studie heb ik vrijwilligerswerk
gedaan in India, toen besloot ik dokter te willen worden. Ik wil
medische hulp bieden aan mensen die het hard nodig hebben, maar die
geen toegang hebben tot medische zorg. Mijn grootste motivatie
geldt de patiënten zelf, maar ook het samenwerken met de lokale
medewerkers. De gebieden waar Artsen zonder Grenzen actief is
spreken me aan omdat het vaak plaatsen zijn waar andere
hulporganisatie niet, of bijna niet, aanwezig zijn.
Wat is het eerste wat je hebt gedaan toen je weer
thuiskwam?
Mijn man een omhelzing gegeven, een biertje
gedronken en in westerse kleren rondgelopen.