In 1991 werd Maes ziek. Uit een
speekseltest die onder de microscoop werd gelegd bleek
longtuberculose. Hij kreeg een standaard medicijnenkuur. Volgens
een nieuwe speekseltest 8 maanden later, was hij tuberculosevrij.
Maar 5 jaar later werd hij opnieuw ziek. Deze keer was een juiste
diagnose, noch een juiste behandeling, alles behalve
eenvoudig.
Waarschijnlijk was Maes opnieuw met de bacterie die tuberculose
(tbc) veroorzaakt, besmet. Opnieuw begon hij aan een kuur. Hij had
echter geen geld om elke dag op en neer naar de dokter te reizen
voor zijn medicijnen, en dus slikte hij niet elke dag de nodige
medicijnen. Zijn speekseltest gaf deze keer geen heldere uitslag.
Een jaar later, 1997: Maes wordt wederom ernstig ziek. Weer begint
hij aan een standaardkuur en weer werkt het niet. Zijn behandeling
wordt stopgezet.
Multiresistentie
9 jaar later, in augustus 2006, hoest Maes
bloed op en weegt hij nog slechts 46 kilo. Hij wordt naar een
ziekenhuis in hoofdstad Phnom-Penh gestuurd. Tegen deze tijd weet
men dat er zoiets als multiresistente tbc bestaat, maar de test om
dit vast te stellen is duur, en ligt buiten zijn bereik. Hierop
krijgt hij wel wat medicijnen, waarvan geen voor tbc. 4 maanden
later wordt hij naar huis gestuurd.
Artsen zonder Grenzen
Aan het eind van het jaar gaat hij naar Artsen
zonder Grenzen. Het team onderzoekt hem en stuurt speekselmonsters
naar een laboratorium in Phnom-Penh. Tegelijkertijd sturen ze ook
een monster naar een speciaal laboratorium in Antwerpen om te
testen op (on)gevoeligheid voor medicijnen. Ze weten dat het 3
maanden kan duren voordat zij uitslag hebben: het monster moet
eerst gekweekt worden. Beide testen mislukken: het speeksel is
vervuild geraakt met insecten en dus onbruikbaar.
Eindelijk
Een derde poging in mei 2007 geeft wél
uitsluitsel: Maes lijdt inderdaad aan multiresistente tbc. Zijn
lichaam reageert niet meer op 3 van de 5 standaardmedicijnen,
waaronder de 2 krachtigste: isoniazide en
rifampicine. Op 18 juli 2007 start hij eindelijk met de
juiste behandeling: 10 jaar na waarschijnlijk de eerste
symptomen.
Geluk?
Maes had geluk: hij was redelijk gezond en had
geen andere ziekte zoals aids. Want voor aidspatiënten kan een
vertraging in hun behandeling van 9 maanden of zelfs 3 maanden
leiden tot de dood. Elke dag telt. Plus hij had het getroffen dat
een organisatie de kosten op zich nam. Vaak moeten monsters naar
het buitenland worden gestuurd omdat de laboratoria in eigen land
hiervoor niet uitgerust zijn. De monsters zijn echter zeer
besmettelijk, waardoor dit erg duur –dus onbetaalbaar - wordt. Van
Kenia naar Antwerpen kost omgerekend zo'n € 300 per patiënt.
Tbc komt juist veel voor in afgelegen gebieden
in arme landen, waar weinig voorzieningen zijn. Er is een dringende
behoefte aan tbc-testen die specifiek voor dit soort
achterstandsgebieden geschikt zijn: testen die werken zonder
elektriciteit of koeling en snel en duidelijk uitslag geven en
betaalbaar zijn.
Onze medicijnencampagneorganisatie strijdt
voor betere medicijnen en diagnostiek.
Naar de speciale website