Oorlog en conflict
Vaak is door jarenlange oorlog en conflicten
de gezondheidszorg compleet ingestort. Dikwijls zijn deze landen -
mede vanwege de instabiliteit van het land - economisch
onderontwikkeld. Afstanden zijn lang, er zijn nauwelijks wegen en
er is een groot gebrek aan transport. Er is vaak een groot tekort
aan medisch gekwalificeerd personeel. In een land als
Myanmar (Birma) bijvoorbeeld, is er op elke 10.000 inwoners maar 4
artsen en 10 verpleegkundigen, in de Democratische Republiek Congo
zijn dat er 1 arts en zijn er 5 verpleegkundigen en in de
Centraal-Afrikaanse Republiek zijn dat er minder dan 1 arts en 4
verpleegkundigen. (Cijfers
Wereldgezondheidsorganisatie).
Armoede en grote afstanden
Deze omstandigheden, ook vaak resource-poor
settings genoemd, hebben gevolgen voor het leven en de behandeling
van malariapatiënten in deze landen. Vaak hebben ze al erg weinig
geld en door hun ziekte kunnen ze ook nog eens niet werken om
zichzelf en hun familie van levensonderhoud te voorzien. Daarnaast
vormen de kosten van transport en de tijd die het reizen opslokt
grote obstakels. Vooral in de arme, afgelegen gebieden kan het zijn
dat patiënten erg ver wonen van gezondheidsposten, klinieken of
ziekenhuizen.
23 april 2012