WAT DOET ARTSEN ZONDER GRENZEN VOOR MENSEN DIE LIJDEN AAN TUBERCULOSE?

© Chris de BodeBehandeling van tbc-patiënten wereldwijd

De teams van Artsen zonder Grenzen behandelen 30.090 patiënten voor (normale) tbc, waarvan 1.159 voor resistente vormen van tbc (2010) in 29 landen wereldwijd. Hiervan waren 3.300 patiënten jonger dan 15 jaar. Onze teams zorgen voor tbc-zorg in verschillende omgevingen: van sloppenwijken tot afgelegen, geïsoleerde gebieden, van gevangenissen tot vluchtelingenkampen. Daarnaast doen onze medewerkers onderzoek in de praktijk naar de toepasbaarheid van betere tests. De behandeling voor - en tijdige opsporing van - tbc en hiv is geïntegreerd in onze projecten. Waar mogelijk zetten wij projecten op voor de behandeling voor resistente vormen van tbc.

 

Tbc-zorg in 29 landen

Artsen zonder Grenzen geeft medische zorg voor tuberculose in Armenië, Bangladesh, Burkina Faso, Cambodja, Centraal-Afrikaanse Republiek, Congo-Brazzaville, Democratische Republiek Congo, Ethiopië, Georgië, Guinee, India, Kenia, Kirgizië, Malawi, Mali, Mozambique, Myanmar (Birma), Niger, Oekraïne, Rusland, Sierra Leone, Somalië, Swaziland, Tsjaad, Uganda, Uzbekistan, Zimbabwe, Zuid-Afrika en Zuid-Sudan.

Bekijk de wereldkaart

 

Resistente tbc-behandeling

Van de patiënten die wij van 1999 – 2005 behandelden voor resistente tbc in de Kaukakus, Centraal-Azië en Thailand is 52% genezen of heeft de behandeling afgemaakt. 18% van de mensen kon de behandeling niet afmaken, vanwege duur of de toxiciteit van de behandeling. 18% was nog in behandeling, of was behandeling bij hen mislukt. 12% is helaas overleden.

 

Psychosociale begeleiding

Naast een medische behandeling geven onze teams ook begeleiding aan tbc-patiënten. In het Khayelitsha project voor multiresistente tbc in Zuid-Afrika gaat het team bijvoorbeeld als volgt te werk. Als de tbc-diagnose is gesteld, vertellen we de patiënt wat tbc precies is, hoe te genezen en hoe zij kunnen voorkomen dat ze de ziekte doorgeven. Dit wordt gedaan door een Artsen zonder Grenzen consulent samen met een peer educator: iemand die zelf aan de ziekte lijdt en lotgenoten bijstaat. In een tweede sessie wordt ook de familie erbij betrokken, en wordt er naar de thuissituatie gekeken (kan de patiënt geïsoleerd slapen?). Patiënten kunnen deelnemen aan supportgroepen. Als een patiënt in het ziekenhuis verblijft, komt de consulent hem of haar om de 2 weken op bezoek.

 

Pilotstudie

In Kenia werkt Artsen zonder Grenzen aan een pilotstudie, thin layer agar (TLA) – een vorm van sputumkweek. Hiermee kan binnen 8 tot 10 dagen een diagnose worden gesteld voor welke medicijnen iemand met een resistente tbc-vorm immuun is. Het heeft een hoge betrouwbaarheid en is minder duur dan andere moderne tests. Maar ook deze techniek is complex en vereist een goed geoutilleerd laboratorium. Zo'n 85% van alle mensen met tbc hebben geen toegang tot de geavanceerde tests omdat zij alleen terecht kunnen bij kleine klinieken of gezondheidsposten.

 

Sinds begin jaren 70

Artsen zonder Grenzen verleent sinds begin zeventiger jaren medische hulp aan tbc-patiënten. Hierbij richten we ons vooral op het behandelen van mensen in gebieden waar er geen overheidsprogramma's bestaan om tbc te behandelen, of waar er geen medische aandacht is voor bepaalde groepen. Zoals nomadengroepen in Sudan, oorlogsslachtoffers in Afghanistan, Somalië en Tsjetsjenië, en gevangenen in Rusland met multiresistente tbc. Ook verwijzen wij patiënten door, indien mogelijk, naar tbc-programma's die zijn opgezet door de plaatselijke autoriteiten.

1 februari 2012