SALARIS DIRECTEUR EN ANDERE VRAGEN OVER ONZE FINANCIËN

Hoe financiert Artsen zonder Grenzen haar hulpprojecten: wat zijn onze inkomsten en uitgaven? En wat is het salaris van de directeur van Artsen zonder Grenzen? Wij geven graag inzicht in onze methoden, werkwijzen, afwegingen en keuzes.

 

Wat verdient jullie directeur?

Het brutojaarsalaris van onze algemeen directeur Arjan Hehenkamp  bedraagt € 107.996 inclusief vakantietoeslag. Zijn salaris ligt daarmee ruim onder het maximale jaarinkomen zoals vermeld in de 'Adviesregeling beloning directeuren van goede doelen', vastgesteld door brancheorganisatie VFI. Ook de salarissen van de overige leden van het managementteam liggen ruim onder de adviesregeling van de VFI. De vorige algemeen directeur, Hans van de Weerd, ontving in 2010 een brutosalaris van € 93.366 inclusief vakantietoeslag. Arjan Hehenkamp is sinds 1 juni 2011 de nieuwe algemeen directeur van Artsen zonder Grenzen.

Waar gaat het geld dat jullie krijgen naartoe?

Er gaat zoveel mogelijk naar noodhulp. Van elke euro die wij uitgaven in 2010, ging

€ 0,84 direct naar noodhulp, € 0,07 naar coördinatie en ondersteuning van de projecten, € 0,02 naar voorlichting en bewustmaking, € 0,04 naar kosten voor fondsenwerving, en € 0,03 naar beheer en administratie.

 

Hoe komen jullie aan jullie geld?

Het grootste deel van de hulpprojecten van Artsen zonder Grenzen wordt bekostigd met donaties van het publiek en uit evenementen zoals de Tour for Life. Honderdduizenden donateurs in Nederland en in het Verenigd Koninkrijk, Canada, Duitsland steunen via onze zusterorganisaties Artsen zonder Grenzen. Daarnaast is de opbrengst uit de Nationale Postcode Loterij een belangrijke bron van inkomsten. Tenslotte vraagt de organisatie financiering voor specifieke projecten aan uit (nood)hulpfondsen van de Europese Unie en nationale overheden. Artsen zonder Grenzen ontving in 2010 géén subsidiegelden van het Nederlandse ministerie van Buitenlandse Zaken.

 

Krijgt Artsen zonder Grenzen geld van de overheid?

Op basis van onze eigen onafhankelijke inschattingen van noodsituaties bepalen wij waar, en welke, activiteiten nodig zijn. Als dit eenmaal is vastgesteld vragen wij soms subsidies aan van institutionele donoren (zoals de overheid en de Europese Unie), waarbij de ontvangen gelden worden aangewend voor het door ons vastgestelde doel. De enige voorwaarden waar wij aan willen voldoen, zijn voorwaarden op het gebied van financiële verantwoording van het bestede geld, en dus niet in welk gebied wij werken, wat voor een zorg wij geven, of aan welk deel van de bevolking.

 

Voor bepaalde projecten besluiten wij per definitie geen projectsubsidies aan te vragen van institutionele donoren; dat geldt voor landen of gebieden waar de grote donoren in te hoge mate betrokken zijn bij het conflict. In 2010 gold dat bijvoorbeeld voor Pakistan en Somalië. Artsen zonder Grenzen streeft ernaar niet meer dan 20 procent van het jaarbudget afhankelijk te laten zijn van institutionele donoren. Het leeuwendeel van onze inkomsten komt dus van honderdduizenden donateurs in Nederland en andere landen waar onze zusterorganisaties actief zijn.

 

Wat geven jullie uit aan overhead?

De facilitaire kosten van automatisering, huisvesting, algemene verzekeringen, overige kantoorvoorzieningen, kosten van afschrijvingen, opgeteld met de kosten voor het besturen en het beheren van de organisatie komen in 2010 in totaal op: € 7,2 miljoen. Dit is samen 4,8% van de totale bestedingen. Deze kosten zijn sinds 2005 op hetzelfde niveau gebleven.

 

Heeft Artsen zonder Grenzen het CBF-keurmerk?

Ja. Het CBF-keurmerk is ingesteld door het Centraal Bureau Fondsenwerving (CBF) en wordt na een zorgvuldige beoordeling toegekend aan fondsenwervende organisaties die zich op verantwoorde wijze bezighouden met het inzamelen van geld voor het goede doel. In 2010 waren de totale inkomsten uit fondsenwerving in Nederland € 46,3 miljoen. De totale uitgaven ten behoeve van de verkrijging van deze inkomsten bedroegen € 5,9 miljoen. De kosten voor fondsenwerving bedroegen hiermee 12,7% van de inkomsten van fondsenwerving. Over de periode 2008-2010 bedroegen de kosten van de fondsenwerving in Nederland gemiddeld 15,6% van de inkomsten uit eigen fondsenwerving. Daarmee blijft Artsen zonder Grenzen ruim binnen het door het CBF vastgestelde maximum van 25%.

 

Heeft Artsen zonder Grenzen een financiële reserve?

Op 31 december 2010 had Artsen zonder Grenzen een reserve van ongeveer 8 maanden. Dat betekent dat als alle inkomsten ineens zouden wegvallen, de projecten en het hoofdkantoor nog 8 maanden door zouden kunnen draaien. Door die reserve kan Artsen zonder Grenzen snel reageren als er een ramp gebeurt, of als er een conflict uitbreekt en er ineens ergens honderdduizenden mensen op de vlucht zijn geslagen die dringend medische hulp nodig hebben.

 

Ook geeft dit ons de mogelijkheid om hulpverleningsactiviteiten te starten die staan of vallen met de onafhankelijkheid en neutraliteit van Artsen zonder Grenzen. Bijvoorbeeld hulp bieden in gebieden waar de nood hoog is, maar waarvoor internationaal nauwelijks of geen fondsen beschikbaar zijn (bijvoorbeeld Nigeria, Rusland/Noord-Kaukasus), of wanneer wordt besloten dat institutionele financiering in strijd is met de principes van Artsen zonder Grenzen (in 2010 gold dit met name voor Pakistan en Somalië). De omvang van de reserve blijft ruimschoots binnen de norm van een maximale reserve van 18 maanden zoals voorgeschreven door het Centraal Bureau voor Fondsenwerving (CBF).

 

Doet Artsen zonder Grenzen aan beleggen?

Artsen zonder Grenzen belegt niet in aandelen, obligaties of andere risicodragende financiële instrumenten. Ons uitgangspunt is dat we onze middelen zo direct mogelijk moeten kunnen inzetten voor onze doelstelling en geen risico's lopen met bijvoorbeeld beleggingen. Elke 4 maanden maken we een liquiditeitsprognose en banksaldi in projectlanden worden zo laag mogelijk gehouden. Geld dat niet direct uitgegeven wordt, wordt in Nederland op direct opvraagbare spaarrekeningen gezet, of op kortlopende deposito's (met een maximale looptijd van 12 maanden) geplaatst zodat we snel gelden kunnen vrijmaken ingeval van noodsituaties waar onze hulp nodig is.

 

Hoe evalueren jullie de kosten en aan wie leggen jullie verantwoording af?

In de regel worden projecten tussentijds en na sluiting geëvalueerd, zowel op uitvoering, kosten als verbeterpunten. Grotere noodhulpprojecten worden door externe deskundigen geëvalueerd. Artsen zonder Grenzen heeft een auditcommissie. De auditcommissie voert regelmatig overleg met de algemeen directeur, de directeur resources, de controller en de externe accountant. In 2010 heeft de externe accountant, KPMG Accountants N.V., de jaarlijkse controle van systemen en procedures en de wettelijke controle van de jaarrekening uitgevoerd. In 2010 werden interne controle-audits uitgevoerd en/of afgerond van onze programma’s in Sri Lanka, de Centraal-Afrikaanse Republiek en de Democratische Republiek Congo. In 2010 hebben 2 externe audits plaatsgevonden. KPMG bezocht Zimbabwe en PwC heeft een uitgebreid onderzoek gedaan naar onze activiteiten en bestedingen voor de noodhulp in Haïti. De uitvoering van aanbevelingen die uit de audits voortkomen worden systematisch opgevolgd. Artsen zonder Grenzen legt ook verantwoording af aan de institutionele donoren die de projecten van de organisatie financieren.


Lees meer over de audits in ons bestuursverslag

 

Als eerste hulporganisatie in Nederland heeft Artsen zonder Grenzen in 2009 een convenant voor zogenaamd ‘horizontaal toezicht’ gesloten. Dat is een vorm van samenwerking met de Belastingdienst, waarbij vertrouwen, transparantie en begrip centraal staan. In het convenant zijn afspraken gemaakt over de wijze en intensiteit van het toezicht. De fiscale regels blijven gewoon van kracht, maar deze vorm van samenwerking maakt het toepassen ervan veel eenvoudiger. Zowel voor Artsen zonder Grenzen als voor de Belastingdienst scheelt dat administratie en daarmee kosten.

 

Wat is jullie bankenbeleid?

Het betalingsverkeer van Artsen zonder Grenzen hebben wij na een uitgebreide vergelijking van diensten, prijzen en service ondergebracht bij ABN AMRO. Voor de dienstverlening is gezocht naar een bank die alle aspecten van het betalingsverkeer die voor Artsen zonder Grenzen van belang zijn goed, betrouwbaar en tegen concurrerende tarieven en vergoedingen kan aanbieden. Het gaat daarbij vooral om betalingsverkeer naar en vanuit het buitenland in buitenlandse valuta, maar ook om behoorlijke volumes binnenlands betalingsverkeer.

 

Artsen zonder Grenzen werkt vooral in conflict- en crisisgebieden, verspreid over de hele wereld. Wij hebben een bank nodig die ook naar die gebieden het betalingsverkeer kan regelen. ABN AMRO geeft ons de beste mogelijkheden op dit gebied.

 

Onze geldtegoeden hebben wij ondergebracht bij een aantal grote banken, te weten ABN AMRO Bank en Van Lanschot Bankiers en recent ook ING. Met deze banken hebben wij afspraken gemaakt over het beheer en gebruik van deze gelden. Eind 2010 hebben we een beperkte aanbesteding uitgeschreven voor diensten op het gebied van beheer van kasmiddelen, kredietfondsen en vreemde valuta's. Dit resulteerde in een verlenging van het contract met ABN AMRO tegen veel betere voorwaarden. Tegelijkertijd werken we aan een goede spreiding van onze liquiditeit. Voor de spreiding van onze tegoeden is een standaardmatrix ontwikkeld die de rating van de bank aangeeft (A of hoger), de hoeveelheid geld die we bij de bank mogen wegzetten en voor hoe lang (maximaal een depositorekening van 12 maanden). Daarnaast hebben wij al jaren een algemeen gironummer 4054 bij de ING.

 

Waarom hebben jullie ABN AMRO gekozen en niet een bank als Triodos of ASN, die maatschappelijk verantwoord investeren?

Artsen zonder Grenzen kijkt jaarlijks naar het beheer en de spreiding van de creditgelden. In 2010 hebben we vastgesteld dat de mogelijkheden bij ASN nog steeds te beperkt zijn. ASN biedt inderdaad de mogelijkheid aan om een betaalrekening te openen. Maar de mogelijkheden van deze rekening (o.a. koppeling met eigen ERP-software (Enterprise Resource Planning), buitenlands betalingsverkeer en autorisatieschema's) voldoen niet aan de eisen die Artsen zonder Grenzen stelt.

 

Artsen zonder Grenzen heeft een bank nodig die alle aspecten van het betalingsverkeer die voor onze organisatie van belang zijn goed, betrouwbaar en tegen redelijke tarieven kan aanbieden. Het gaat daarbij vooral om buitenlands betalingsverkeer en om betalingsverkeer in buitenlandse valuta maar ook om behoorlijke volumes binnenlands betalingsverkeer, zowel voor wat betreft de inkomsten als de uitgaven.

 

Artsen zonder Grenzen werkt in rond de 25 landen wereldwijd. Vaak in conflict- en crisisgebieden. Wij hebben nog steeds een bank nodig die ook in die gebieden het betalingsverkeer kan regelen. Een bank als Triodos of ASN kan dat niet.