In Zuid-Sudan heeft Artsen zonder Grenzen haar programma
uitgebreid met twee voedingscentra in het ziekenhuis van de stad
Bentiu. In Zuid-Sudan is de ondervoeding sterk toegenomen door een
combinatie van slechte oogsten en toenemende onveiligheid. In
Bentiu zijn tot nu toe 98 kinderen in het programma opgenomen, van
wie 28 in het ziekenhuis verpleegd worden.
Ondervoeding
Artsen zonder Grenzen is op een groot aantal
plaatsen in Zuid-Sudan actief tegen de ondervoeding. In Unity
State, waar Bentiu de hoofdstad van is, zijn alleen al 800 kinderen
in behandeling in een aantal voedingscentra.
Oogst
De eerstvolgende oogst in het zuiden van Sudan
is pas over 6 tot 8 weken. Ondertussen is de prijs van het
belangrijkste voedsel in de regio, sorghum, meer dan verdubbeld ten
opzichte van afgelopen jaar. Als gevolg daarvan hebben mensen hun
geiten en koeien moeten verkopen om aan voedsel te komen. Daarnaast
is er een groot gebrek een basisgezondheidszorg. Mensen moeten soms
uren lopen naar de dichtstbijzijnde arts, waardoor kinderen vaak
niet de gezondheidszorg krijgen die ze nodig hebben.
Geweld
Daarnaast is er het nodige geweld in het land
tussen stammen en naar aanleiding van de verkiezingen in april. Het
geweld heeft een groot aantal families op de vlucht gejaagd,
waardoor ze niet konden oogsten.
Patiënten
Eén van de plekken waar Artsen zonder Grenzen
de ondervoeding zag oplopen, was de stad Leer. ‘Toen we bekeken
waar de patiënten eigenlijk vandaan kwamen, zagen we dat 15% van
hen uit Bentiu kwam, meer dan 100 kilometer van Leer’, zegt Moses
Chol, noodhulpcoördinator van Artsen zonder Grenzen in Zuid-Sudan.
‘Zodoende besloten we in Bentiu een project op te zetten.’
Voedseldistributies
Bentiu is een stad van zo’n 100.000 inwoners,
van wie 80% werkloos is en die erg afhankelijk is van humanitaire
hulp. Ironisch genoeg waren er tijdens de oorlog regelmatig
voedseldistributies, maar die zijn gestopt met het sluiten van het
vredesakkoord in januari 2005.
Ziekenhuis
De stad heeft een relatief groot ziekenhuis,
maar dat had niet genoeg staf om te reageren op de voedselcrisis en
geen gespecialiseerde therapeutische voeding. Bovendien was het
medisch personeel niet getraind in het behandelen van ondervoede
kinderen. ‘Bij ons eerste bezoek aan het ziekenhuis waren net vier
ondervoede kinderen opgenomen, van wie er twee waren overleden’,
zegt Chol. ‘De medewerkers zeiden tegen ons dat het enige dat ze
konden doen counseling was voor de families van de kinderen die nog
leefden.’
Voedingscentra
Artsen zonder Grenzen bleek de enige
hulporganisatie in de regio die nog de mogelijkheid had te reageren
op de situatie in Bentiu. Ons team heeft twee voedingscentra
opgezet in het ziekenhuis. De eerste biedt intensieve zorg aan
kinderen die opgenomen en zorgvuldig in de gaten gehouden moeten
worden. Via het tweede centrum krijgen kinderen ambulante zorg. Dat
houdt in dat de moeders met hun kind(eren) komen om gewogen en
gemeten te worden. Daarna krijgen ze gespecialiseerde
therapeutische voeding om thuis aan hun kind(eren) te geven. Na 1
of 2 weken moeten ze dan weer terugkomen voor een
vervolgconsult.
Kinderen
Drie dagen na de opening van de klinieken
waren 28 kinderen permanent opgenomen en 70 kinderen geregistreerd
in het ambulante programma.‘Op basis van waar de kinderen vandaan
komen, openen we mogelijk nieuwe centra’, zegt Chol. ‘De meest
serieuze gevallen blijven we doorverwijzen naar Bentiu.’
Trainen
Naast de levensreddende medische zorg in en
rond Bentiu, zal ons team zich ook richten op het trainen van de
lokale medische staf in het behandelen van ondervoeding. De
behandelmogelijkheid blijft daarmee in stand, ook na het vertrek
van Artsen zonder Grenzen.
Partners
Artsen zonder Grenzen wekt al in een groot
aantal gebieden in Zuid-Sudan, vaak als de enige organisatie die
ondervoeding behandelt. We hebben een aantal lokale partners
gevonden die we hebben getraind en die we helpen met voorraden. Het
is wel hard nodig dat meer organisaties hun hulp uitbreiden om deze
acute crisis in het land te bestrijden.
Bentiu
‘Onze teams zullen 3 tot 4 maanden in Bentiu
blijven, tot na de komende oogst. We zullen dan opnieuw de situatie
bekijken en zien of we langer nodig zijn’, zegt Chol.
Meer weten over onze projecten in Sudan