Projectland CAR: geweld, angst en armoede
De Centraal-Afrikaanse Republiek (CAR) wordt tot
een van de minst ontwikkelde landen ter wereld gerekend. Sinds de
onafhankelijkheid in 1960 kende het land wisselende leiders en veel
onrust. Hoewel er sinds 2005 een regering plaats heeft genomen, is
het ver van rustig. Gewapende groepen en legertroepen strijden met
elkaar. Door het blijvende geweld is de gezondheidszorg compleet
ingestort. Vooral de burgerbevolking lijdt hieronder: de mensen
hebben nauwelijks toegang tot medische zorg en het aanhoudende
geweld leidt tot een allesdoordringende angst bij de mensen.
Gebrek aan
medische zorg
Er heerst grote armoede onder de bevolking
die voornamelijk in afgelegen gebieden woont. De mensen kunnen het
tarief van het kleine aantal gezondheidsposten van de overheid dat
nog open is, niet betalen. Transport is moeilijk: er zijn
nauwelijks wegen, vrijwel niemand heeft een auto of fiets en er
zijn ook geen treinen. Dit betekent dat kilometers lopen de enige
optie is. Tijdens het regenseizoen, dat van mei tot en met oktober
duurt, zijn de wegen bovendien vrijwel onbegaanbaar.
Verdreven door geweld
Het geweld tussen de gewapende groepen en het
leger leidt ertoe dat hele dorpen platgebrand worden waarbij ook
slachtoffers worden gemaakt onder de inwoners. Mensen vluchten
daarop in de bush en moeten daar maanden zien te overleven onder
uiterst primitieve omstandigheden en met luttele bezittingen. Als
zij terugkeren naar hun dorpen worden ze vaak opnieuw
verdreven.