'De mensen zijn nu bezig om weer ruimte voor
henzelf te maken, gaan terug naar waar hun huis stond,' vertelt
projectcoördinator Ineke Swaans, net terug uit Shamwana in de
Democratische Republiek Congo. Daar, in de zuidoostelijke provincie
Katanga, zijn duizenden mensen keer op keer gevlucht voor het
voortdurend oplaaiende geweld tussen regeringsleger en
rebellen.
Grote groepen mensen werden jarenlang in het bos gevangengehouden
door de Mai Mai. Na het militaire offensief van november 2005,
namen de soldaten het gebied weer in bezit. Zij hielden de mensen
daar nog een aantal maanden vast. Gedurende de hele tijd leefden ze
in open grashutjes, zonder enige voorzieningen. In mei startte
Artsen zonder Grenzen een project in Shamwana. Een verslag van hoe
het er nu voor staat.
'Alle militairen zijn weg en veel mensen zijn
teruggekeerd naar hun dorpen. Alles is kapot, alles moet herbouwd
worden. Samen met de gemeenschap hebben wij de bruggen en de
ernstig overgroeide wegen verbeterd,' zegt Ineke Swaans. 'Maar hun
huizen zijn weg, vaak is er alleen nog een fundament over. Pas na
het regenseizoen, over een halfjaar, kunnen ze weer stenen bakken.
Dus nu proberen ze met de stenen die her en der liggen wat
ophogingen te maken en met gras en houttwijgen de muren en daken
regenbestendig te maken.'
Kerkgezang
Naast de mensen die gevangen werden gehouden,
zijn er ook Congolezen die naar Dubie en het noorden waren
gevlucht, teruggekomen. 'Langzaamaan beginnen de mensen hun leven
weer te hervatten en werken op hun akkers. Hun werktuigen zijn
echter gestolen en ze hebben zaden nodig. Ook is er een kleine
markt: eind juli begon het eerste stalletje, vier weken later waren
er bijna 10. Door de week oefenen ze met kerkgezang, op zondag
vertaalt zich dat in het mooiste gezang ter wereld – in de open
lucht, want gebouwen zijn er niet meer.'
Eerste nood
'Artsen zonder Grenzen geeft medische zorg; de
eerste nood is gelenigd. Wij werken in vier gezondheidsposten in en
rond Shamwana. We behandelen mensen vooral tegen malaria, wormen en
luchtwegontstekingen. En we willen waterbronnen boren, zodat de
mensen over schoner water kunnen beschikken. Goede hygiëne is
belangrijk, dus we hebben gezorgd dat ze een plek hebben om zich te
wassen en we gaan latrines aanleggen.' De eerste vaccinatieronde
tegen mazelen is al gedaan, maar dit zal met de terugkeer van de
bevolking herhaald moeten worden. Muskietennetten en zeep zullen
binnen een week uitgedeeld gaan worden.'
Veerkracht
Ineke: 'Ze zijn allemaal getraumatiseerd, in
aanraking geweest met geweld. Mijn indruk is dat deze mensen geen
stem hebben, of ze worden niet gehoord. Ze hebben hulp nodig om hun
stem te laten horen. Er is in dit gebied zeker 5 tot 10 jaar niet
gevaccineerd. Er is een hele generatie die geen school heeft gehad.
Mannen, vrouwen, kinderen zijn misbruikt, jaren categorisch met
geweld onderdrukt en dat heeft gevolgen voor hun veerkracht. En
toch zijn ze aan het herbouwen, en toch zetten ze hun schouders
eronder.'
Reden tot hoop
'Oorspronkelijk was Katanga de provincie van
de aardnoten. Vroeger was hier veel verkeer, trucks die de pinda's
kwamen halen. Toen de eerste truck van Artsen zonder Grenzen
aankwam, met bouwmateriaal en medicijnen, was het echt feest, een
heel speciaal moment. De weg is weer open! Dat gevoel. De mensen
zijn de oorlog en het geweld zat. Ze hopen dat het vrede blijft.
Het feit dat wij er zijn, betekent veel voor hen: reden tot
hoop.'
September 2006