Nabij de kleine stad
Masisi, in de oostelijke provincie Noord-Kivu van de Democratische
Republiek Congo, wordt er sinds augustus 2007 gevochten. Sindsdien
zijn er in het Artsen zonder Grenzen ziekenhuis in de plaats 145
patiënten met schotwonden geopereerd. Verpleegkundige Anne
Khoudiacoff werkt er sinds begin voor Artsen zonder Grenzen.
'Ik heb veel patiënten gezien die schotwonden
hadden op hun benen, maar ook een vrouw met een wonderbaarlijk
verhaal. Zij was, met haar baby op de rug, in het kruisvuur beland.
Een kogel vloog net tussen haar rug en haar baby's hoofdje door.
Haar huid op de rug was verbrand, maar verder was zij noch haar
kind geraakt. Het ziekenhuis - met 120 bedden - draait op volle
toeren. We voeren in het ziekenhuis tot zo'n 20 keizersneden per
week uit, en in het gezondheidscentrum hebben we per week zo'n
1.000 consulten.'
Heinde en verre
'Veel andere medische voorzieningen in de
regio hebben hun deuren gesloten: omdat het personeel is gevlucht
of omdat ze geen medicijnen meer hebben. Patiënten komen van heinde
en verre naar ons toe, vaak hebben ze dagen door de heuvels gelopen
met het risico door gewapende groepen te worden onderschept. Veel
patiënten komen in kritieke conditie binnen. Een jongetje, ernstig
ondervoed en ziek, werd door zijn moeder gebracht. Ze had hem eerst
naar de kerk gebracht, maar die bleek bij aankomst afgebrand te
zijn. Tegen de tijd dat ze bij het ziekenhuis was aangekomen was
het al te laat.'
Dagelijkse worsteling
'Op dit moment verblijven er zo'n 24.000
Congolezen rond Masisi en nabijgelegen plaatsen Lushebere en
Buguri. Vaak kunnen ze met hout en riet provisorische onderkomens
bouwen. Maar hun leefomstandigheden zijn moeilijk: soms moeten wel
10 tot 12 mensen slapen op een oppervlakte van 16 vierkante meter,
en hoewel de lokale bevolking pannen, potten, jerrycans en voedsel
met hen deelt, blijft overleven een dagelijkse worsteling.
Bovendien hebben ze te maken met dagelijkse zware regenbuien en
zijn de nachten koud. Ze lijden aan longontsteking, koorts,
diarree, uitdroging en ondervoeding.'
Ondervoeding
'Vorige week hebben we een snelonderzoek
uitgevoerd. We hebben van duizend kinderen jonger dan vijf jaar de
bovenarm opgemeten. Met speciale bandjes kun je eenvoudig de mate
van ondervoeding vaststellen. Zo'n 10 procent van de kinderen waren
ondervoed, sommigen waren zeer ernstig ondervoed. Hoewel er in het
ziekenhuis een voedingscentrum is opgezet, gerund door een andere
hulporganisatie, besloten we in Masisi en Buguri ook hulp bij
ondervoeding te geven. Drie keer per week delen we aan zo'n 1.200
kinderen en hun families speciale rantsoenen uit met therapeutische
voeding voor de kinderen, en additionele voedselrantsoenen voor de
rest van de familie.'
Artsen zonder Grenzen werkt sinds eind
augustus in Masisi. Vijf internationale medewerkers en 100
Congolese medewerkers werken in het districtsziekenhuis met 120
bedden en een gezondheidspost.
Oktober 2007