'Ik dacht dat ik je nooit meer zou
zien. Ben jij het echt?' Louis (54)* onderzoekt
het frêle lichaam van zijn 16-jarige zoon Antoine* en huilt.
Antoine werd 4 maanden door gewapende mannen gevangen gehouden. In
het noorden van DR Congo zit de bevolking sinds oktober 2008 klem
tussen de Ugandese rebellengroep LRA (Verzetsleger van de Heer) en
het Ugandese en Congolese leger die de groep bestrijden. De terreur
tegen de bevolking is groot.
De aanval
Louis: 'Mijn kind, het is zo fijn om je
opnieuw te zien. Dank aan God, dank aan God.' De ontvoering van
Antoine en de nachtmerrie van Louis vonden plaats in mei in hun
dorp, ten noorden van Niangara. 'Rond 9 uur ‘s ochtends vielen
gewapende mannen ons huis binnen,' vertelt Louis. 'Ze dwongen ons
op de grond te gaan liggen. Ze stalen mijn kleren, mijn kisten en
mijn radio. Toen ontvoerden ze twee van mijn kinderen.'
Magische olie
Antoine gaat verder: 'We moesten op de grond
gaan zitten. Ze smeerden magische olie op onze voorhoofden, over de
plek op de borst waar je hart zit en op onze ruggen en voeten. Door
die olie word je zoals hen, en denk je niet meer aan ontsnappen en
je familie zoeken. Maar bij mij werkte het niet, want ik veegde de
olie meteen af.'
De slagen
'Ze gaven me werk. Ik moest hun kleren wassen
en andere klusjes doen. We mochten niet praten. Als we praatten,
sloegen ze ons. Ze sloegen ons vaak.' Antoine toont zijn
verwondingen, het resultaat van slagen met een zweep en een
machete. 'Alleen 's avonds kregen we te eten. En we moesten de hele
dag lopen. Elke dag, zonder schoenen.'
Zijn ontsnapping
Op een avond hoorden de ontvoerders dat
vijandige soldaten hun positie naderden. Antoine moest in een boom
klimmen om te kijken of hij hen kon zien. 'Ze waren tamelijk ver
weg. Ik wist dat ik in de buurt van de weg was. Ik liet mijzelf
omlaag glijden uit de boom en begon te rennen, de hele nacht ging
ik door, lopend en rennend. Om 5 uur ‘s ochtends kwam ik aan in ons
dorp, ik wist dat zij ver van hier verwijderd waren.'
Andere zoon
Antoine's broers, neven en oom komen erbij
staan. Ze kijken naar de jongen van wie ze dachten dat hij dood
was. Om zijn terugkomst te vieren, roept Louis de rest op zijn zoon
de lucht in te tillen. 'Ik kon niet meer eten, ik werd steeds
magerder. Ik dacht dag en nacht aan hem,' zegt hij. En hij spreekt
de hoop uit dat zijn andere zoon ook snel zal terugkeren.
* Uit veiligheidsoverwegingen zijn de
namen gefingeerd.
In het noorden van DR Congo zit de bevolking sinds
oktober 2008 klem tussen de Ugandese rebellengroep LRA
(Verzetsleger van de Heer) en het Ugandese en Congolese leger die
de groep bestrijden. De terreur tegen de bevolking is
groot. Sinds mei 2009 werkt Artsen
zonder Grenzen in Niangara, Haut-Uélé, in het algemene ziekenhuis
en een gezondheidspost. Ook geven zij psychosociale zorg om de
mensen te helpen met het verwerken van trauma's en de psychische
druk die gepaard gaat met het aanhoudend geweld en telkens opnieuw
moeten vluchten. In totaal werken er 27 internationale en 140
Congolese medewerkers in het noorden van de Democratische Republiek
Congo, in de districten Haut-Uélé en Bas-Uélé.