Noodhulp Noodhulp Afrika

ONTVOERD: HET VERHAAL VAN MICHEL (13)

'Ze gaven mij een machete en bevolen me het lichaam in stukken te hakken'

Het moet rond middernacht geweest zijn. Michel was diep in slaap. Hij lag naast zijn kleinere broertjes en zijn oudere zus. Er kwamen 4 mannen binnen – ze waren gewapend, maar droegen burgerkleren. Ze bonden de handen van Michel en zijn zus vast, en namen hen mee het woud in.

 

Vastgebonden

'Er waren ongeveer 20 kinderen,' zegt Michel. 'De mannen sloegen ons met zwepen en dwongen ons te werken. Elke keer dat we iets tegen elkaar zeiden, sloegen ze ons met een machete. ’s Avonds, als we naar het toilet moesten, dachten ze dat we zouden proberen ontsnappen. Daarom werden we ’s nachts altijd vastgebonden. We mochten onze kleren niet wassen, zelfs ons lichaam niet. Alleen zij hadden het recht om hun kleren en zichzelf te wassen.'

 

Machete

© Julie RémyEén dag is Michel bijzonder bijgebleven. 'Ze waren weggegaan om een dorp te plunderen. Op hun weg terug kwamen ze een man tegen die op het veld aan het werk was. Ze grepen hem, sleurden hem het woud in en vermoordden hem. Toen gaven ze mij een machete en bevolen me het lichaam in stukken te hakken. Ik deed het maar één keer. Mijn hart klopte in mijn keel. Ze zeiden dat ik het moest doen, anders zouden ze mij ook vermoorden. Ik droom er opnieuw en opnieuw van …'

 

Ontsnapping

Later zag Michel hoe 2 mannen gedood werden omdat ze probeerden weg te komen. Op een dag kon hij zelf ontsnappen, tijdens een schermutseling tussen zijn ontvoerders en het leger. 'Ik moest achter hen blijven, ik lag op de grond. Toen de soldaten kwamen, kroop ik uit mijn schuilplaats en volgde hen naar het dorp. Toen ik uit het woud kwam, schrokken de mensen van me. Maar ik zei hen dat ze niet bang moesten zijn, en uiteindelijk mocht ik hun huis binnenkomen.'

 

Speciaal centrum

Michel vond zijn familie terug. Zijn ouders brachten hem naar het speciale centrum van Artsen zonder Grenzen voor kinderen die hun ontvoering overleefden. Hier kan hij een tijdje blijven: hij krijgt er psychologische hulp en leeft er samen met andere kinderen die ontvoerd zijn geweest. Hij heeft tijd nodig om zich weer aan te passen aan het leven in een gemeenschap. En om te proberen weer door te gaan met zijn leven, zo goed als maar kan voor een jongen van 13.

 

* Uit veiligheidsoverwegingen is zijn naam gefingeerd.

 

In het noorden van DR Congo zit de bevolking sinds oktober 2008 klem tussen de Ugandese rebellengroep LRA (Verzetsleger van de Heer) en het Ugandese en Congolese leger die de groep bestrijden. De terreur tegen de bevolking is groot.

 

Sinds mei 2009 werkt Artsen zonder Grenzen in Niangara, Haut-Uélé, in het algemene ziekenhuis en een gezondheidspost. Ook geven zij psychosociale zorg om de mensen te helpen met het verwerken van trauma's en de psychische druk die gepaard gaat met het aanhoudend geweld en telkens opnieuw moeten vluchten. In totaal werken er 27 internationale en 140 Congolese medewerkers in het noorden van de Democratische Republiek Congo, in de districten Haut-Uélé en Bas-Uélé.