ACHTERGROND NOORD-SUDAN (DARFUR)

© Sven TorfinnDarfur: de crisis is verre van voorbij

In 2003 brak in Darfur, een provincie in het westen van Sudan, een gewapend conflict uit tussen het leger en diverse groepen rebellen. De rebellen beschuldigden de Sudanese regering ervan dat zij de bevolking van Darfur verwaarloosde en marginaliseerde. Tienduizenden mensen sloegen op de vlucht voor het geweld dat Darfur overspoelde. Milities hadden hun dorpen aangevallen, hun familie en vrienden gedood en hun gewassen gestolen of vernietigd. Kamp Kalma, ‘het grootste ontheemdenkamp ter wereld’, haalde overal de voorpagina’s en werd het symbool voor de crisis in Darfur.

 

Intimidatie en geweld

5 jaar later is de humanitaire crisis verre van voorbij. Vanwege de toegenomen gevechten verslechtert de situatie van de bevolking in de Sudanese provincie Darfur steeds verder. Er wordt geschat dat er sinds februari 2003 zo'n 300.000 mensen zijn gedood en meer dan 2,2 miljoen mensen huis en haard moesten ontvluchten.* Het geweld tegen burgers en hulpverleners neemt sinds 2007 toe.

 

Sinds 2006 wordt de situatie steeds ingewikkelder: gewapende groepen splitsen zich voortdurend wat tot geweldsuitbraken en nog meer onveiligheid leidt. Mensen worden bedreigd en mishandeld door leden van de gewapende groepen, het aantal overvallen neemt toe en botsingen tussen nomadische volken leiden ertoe dat er opnieuw mensen moeten vluchten. Hulporganisaties, waaronder Artsen zonder Grenzen, worden aangevallen en beroofd waardoor het geven van hulp soms onmogelijk wordt gemaakt. Het dagelijks leven in Darfur staat in het teken van onzekerheid, wreedheid en angst.

 

* Bron: Verenigde Naties

 

9 maart 2009