Een hoop gemodder
Rivkah van Barneveld (37) is kinderverpleegkundige en werkt
sinds eind 2004 voor Artsen zonder Grenzen. Haar eerste veldmissie
was in Zuid-Sudan, waar ze als verpleegkundige werkte. Daarna ging
ze naar Darfur, ook als verpleegkundige, en naar Somalië, als
projectcoördinator.
In de streek West-Bengalen in India
coördineerde Rivkah de noodhulp van Artsen zonder Grenzen, nadat
die regio werd getroffen door cycloon Aila. Met haar team bracht ze
verkennende bezoeken aan de getroffen dorpen en verdeelde ze
hulpgoederen onder 15.000 mensen.
Rivkah hield een blog bij over haar dagelijkse
belevenissen.
Woensdag 17 juni: modder, water en nog
meer modder
Gisteren kwamen
onze boten aan in Kolkata, dus vandaag zijn we met de twee Zodiacs
naar Dhamakali gevaren. Bij mijn team horen ook negen Indiërs, van
wie er zes niet kunnen zwemmen. Het is onze eerste verkenning, om
te zien wat hier nodig is. We kwamen aan in Goramari, waar we ons
eerst door een massa modder, takken en water moesten worstelen
voordat we eindelijk op een dijk terechtkwamen (met nog meer
modder). Achter deze dijk lag nog meer water. Op de dijk werden we
omringd door mensen die een onderkomen, dat was gemaakt van een
houten stok met wat gras en plastic, deelden met hun vee.
Onmiddellijk gaven ze ons een emmer geel, stinkend water uit de
handpomp om onze voeten te wassen. Nadat we onze voeten met hun
drinkwater hadden gewassen, kwamen we er achter dat de dijk zo
ongeveer het enige was wat er nog van hun dorp over was…
Vrijdag 19 juni: een
moeder
Na een lange, glibberige voettocht en opnieuw
een stuk met de boot kwamen we uiteindelijk terecht bij een paar
huizen en een school, bewoond door zes gezinnen en hun kip. Tijdens
de boottocht vertelde een moeder ons dat ze met haar drie kinderen
in huis was op het moment dat de cycloon losbarstte. Het water kwam
van alle kanten naar binnen gestroomd en ze raakte al haar
eetgerei, potten, pannen en kleren kwijt. Toen we vroegen of
cycloon Aila veel slachtoffers had gemaakt, vertelde ze dat er op
een gegeven moment een lijk haar huis in dreef… Nu woont ze met
haar kinderen op een dijk. Een maand later is het huis nog altijd
overstroomd en kunnen ze nog steeds niet beginnen met herbouwen.
Dat gaat nog maanden duren, want het waterpeil zal binnenkort
waarschijnlijk weer stijgen wanneer de moesson begint… Elke avond,
als we terugkomen in het hotel, ben ik blij dat ik de modder van
mijn benen, armen en gezicht kan wassen… En dan te bedenken dat
deze mensen al meer dan een maand in zulke omstandigheden
leven!
Maandag 22 juni: verdeling van de
bonnen
Artsen zonder Grenzen richt zich meestal op de
meest kwetsbare mensen, die minder hulp krijgen dan anderen, en
gemeenschappen met een grotere kans op ziekten vanwege
overbevolking of een onhygiënische leefomgeving. In Goramari zijn
de mensen die door de cycloon zijn getroffen gemakkelijk te
herkennen. Tenminste 80% van de mensen in de door ons bezochte
dorpen is z’n huis kwijtgeraakt. Ongeveer 50% van hen heeft z’n
huis niet kunnen herbouwen omdat die iedere keer dat de vloed komt
opnieuw overstromen.
Tijdens een eerder bezoek hebben we in drie
dorpen meer dan 700 gezinnen geselecteerd aan wie Artsen zonder
Grenzen hulpgoederen zal uitdelen. Vandaag zijn we opnieuw in
Goramari geweest, waar ze allemaal op ons zaten te wachten. We
hadden al een lijst met de namen van de gezinshoofden ontvangen en
die zijn we afgegaan, zodat iedereen de gelegenheid kreeg om een
bon in ontvangst te nemen. Na twee uur namen schreeuwen begonnen de
problemen… De dorpsleider (die de lijst voor ons had verzorgd) was
een heel vriendelijke oude man. Een aantal mensen die niet op de
lijst stonden werden boos op de oude man, die bleef zitten zonder
dat hij wist wat hij moest doen… Ik kreeg medelijden met hem en we
hebben de mensen geprobeerd te kalmeren door ze te vertellen dat we
met de oude man zouden overleggen om te zien wat er aan de hand
was.
Een stoere vrouw vertelde ons dat de lijst nog
niet compleet was, omdat ze het origineel aan de overheid hadden
gegeven voor de distributie van voedsel en water. Uiteindelijk werd
het probleem opgelost… Het zal mij benieuwen wat er morgen gebeurt,
als we beginnen met het uitdelen van de hulpgoederen. Maar nu naar
bed, we moeten morgen om 4.30 beginnen en ik ben geen
ochtendmens…
Dinsdag 23 juni: mijn eerste
hulpgoederendistributie
Dit was echt
supercool! De distributie ging prima, helemaal zonder problemen,
met name dankzij de grondige voorbereiding van het team. Ik kwam
aan met de vissersboot, met daarin 725 pakketten met hulpgoederen
(de boot ging lekker langzaam, dus kon ik nog even een uiltje
knappen ;-) ) en de vier die een uur eerder waren aangekomen,
richtten het distributiepunt in. Hoewel we de mensen hadden verteld
dat we om 13.00 zouden beginnen, was iedereen er al om 10.00 (wat
op zich geen verrassing was…). Ze werden
vermaakt door onze
eigen ‘entertainers’: twee gezondheidsvoorlichters die de mensen
lieten zien hoe de artikelen in het pakket moesten worden gebruikt
en die hygiënevoorlichting gaven. Dat is hier heel belangrijk!
We begonnen de pakketten met noodgoederen te
verdelen en alles ging heel snel. Ik moet toegeven dat het me
allemaal best ontroerde. Vrouwen omhelsden me, glimlachten,
probeerden op hun eigen manier hun dankbaarheid te laten blijken.
Het is onvoorstelbaar hoe gelukkig mensen kunnen
zijn met een stuk plastic zeil, een beetje zeep,
zuiveringstabletten, dekens en jerrycans…
Laat de volgende 1700 pakketten maar
komen!
Donderdag 25 juni: te
laat
Iedereen is moe. De grootste moeilijkheid bij
dit project is de slechte toegankelijkheid van het gebied. Door de
modder lopen is lastig en bepaald niet rustgevend.
Gisteravond heb ik een hele toespraak gehouden
die erop neerkwam dat ik het op prijs zou stellen als het team op
tijd in de auto’s zou zitten. En vervolgens werd ik vanmorgen zelf
een kwartier na de geplande vertrektijd pas wakker! Ik ben blij dat
het team gevoel voor humor heeft…
Zaterdag 27 juni:
vissersboten
Allebei onze boten zijn lek. Niet zo prettig
voor diegenen die niet kunnen zwemmen. Uiteindelijk hebben we
vandaag vissersboten gebruikt.
Maandag 29 juni: toilet
Vandaag was het echt ‘survival of the
fittest’! Eerst bezochten we een dorp op een van de glibberigste
dijken die ik ooit heb meegemaakt. Ik moest door twee dorpelingen
worden ondersteund om niet te vallen. De gemakkelijkste stukken om
op te lopen zijn die waar je tot aan je enkels in de modder zakt,
dus die probeerde ik te gebruiken. Maar toen werd ik zo hard
gebeten door een agressieve mier of zoiets dat mijn teen nog altijd
rood is en jeukt. We glibberden verder door de dorpen, totdat ik
ontdekte dat ik te veel water had gedronken voor de tocht. In mijn
beste Bengaals (met handen en voeten) kreeg ik een vrouw zover dat
ze me discreet liet zien waar ik moest zijn. Ik kwam in een huis
terecht en liep via de achterdeur naar een ‘veld’. Ze zei iets in
het Bengaals en daar stond ik dan, alleen en zonder schoenen, in
het stinkendste moeras dat ik ooit heb gezien. Dit dorp komt
duidelijk toiletten tekort. Het enige waar ik aan kon denken waren
mijn tetanusprik, antiwormtabletten en een douche. De nood was zo
hoog dat ik terug rende naar de behulpzame vrouw, die me vervolgens
naar de ‘dorpslatrine’ leidde, waar een muurtje van gras omheen
stond dat tot aan mijn knieën kwam. Nu begrijp waarom de vrouwen
hier een jurk dragen! Ik probeerde zo discreet mogelijk te zijn,
maar dat weerhield het hele dorp er niet van om eens goed naar die
blanke vrouw te kijken terwijl ze het goede voorbeeld gaf door geen
stilstaand water of veld als toilet te gebruiken. Conclusie: dit
dorp heeft ernstige problemen op het gebied van hygiëne. (En zorg
ervoor dat je niet te veel water drinkt voordat je deze gebieden
bezoekt!)
Bekijk
Cycloon Aila - Bangladesh en India op een grote
kaart.