1 jaar na de cycloon
Op 2 en 3 mei 2008 raasde cycloon Nargis door Myanmar
(Birma). Nargis trok met een huiveringwekkende verwoestende kracht
door het land. In zijn kielzog liet de cycloon 140.000 mensen dood
of vermist, en ontelbare anderen in staat van wanhoop achter in de
Irrawaddy- delta. Door de cycloon waren alle ogen ineens op het
land gericht. Niet alleen werden de verschrikkelijke gevolgen
duidelijk, maar ook de flinke hindernissen die overwonnen moeten
worden om er humanitaire hulp te kunnen verlenen. Artsen zonder
Grenzen werkte al in het land toen de cycloon zijn verwoestende
werk deed. Daardoor konden onze teams direct in actie komen.
Binnen 48 uur
Binnen een paar uur nadat de cycloon Yangon
(Rangoon) trof, zetten onze teams een noodhulpactie in de hoofdstad
op. Binnen 48 uur waren teams actief in het zwaar getroffen
deltagebied in het zuiden van het land. Toen onze teams aankwamen
in het deltagebied worstelden de mensen vooral om te overleven
zonder voedsel, onderdak, water dat schoon genoeg was om te drinken
en medische zorg. De cycloon had huizen, hele dorpen, akkers en vee
weggevaagd. De moessonregens maakte het nog moeilijker om te
overleven.
Onze noodhulp
Als een van de eerste organisaties die er hulp
verleende, richtte Artsen zonder Grenzen zich daarom voor alles op
de eerste noden van de mensen. In een later stadium hebben wij ons
ook gericht op hun psychische toestand, door het geven van
psychosociale zorg. Onze teams gaven voedselhulp (uitdelen van
voedsel, behandeling bij ondervoeding, bijvoeding geven aan
zwangere en zogende vrouwen). Zij pompten waterbronnen en putten
leeg die vervuild waren geraakt door zout water , maakten deze
schoon, deelden emmers en jerrycans uit, bouwden
waterzuiveringsinstallaties en latrines. Zij gaven medische zorg:
eerst via mobiele hulpposten, daarna in klinieken. De meeste mensen
hadden last van diarree, luchtweginfecties en psychosomatische
klachten (lichamelijke klachten die voortkomen uit psychologische
problemen). Onze psychosociale hulpverleners gaven een-op-een
counselingsessies, groepsessies, zetten praatgroepen op en trainden
gezondheidswerkers.
Het werk van onze teams:
- meer dan 100.000 medische consulten
uitgevoerd
- 39.000 mensen onderzocht op
ondervoeding
- mensen behandeld voor
ondervoeding
- 41.000 voedingssupplementen
gegeven
- 670 waterputten en 567 andere
waterbronnen gereinigd en gerepareerd
- psychosociale hulp gegeven aan bijna
56.000 mensen (waarvan meer dan 3.100 in een-op-eensessies).
Uitgedeelde hulpgoederen
- 3,2 miljoen kilo rijst, 740.000 kilo bonen,
242.000 liter bakolie, 42.000 kilo zout en 514.000 blikjes vis
uitgedeeld
- 146.000 stukken plastic zeil voor
noodonderdak uitgedeeld
- 194.000 muggennetten
- 79.000 dekens
- 8.000 gereedschapkits
- 12.000 emmers
- 50.000 kits met wasspullen.
Afsluiten
In oktober 2008 sloten wij het leeuwendeel van onze projecten
af: de ergste noden waren voorbij en een ongekend aantal
hulporganisaties waren actief in het gebied. In een aantal moeilijk
bereikbare gebieden, waren geen andere hulporganisaties aanwezig.
Daar gingen wij door met voedingshulp en het geven van
psychosociale zorg (in het zuiden van Bogaley). Intussen is er meer
hulp gekomen en zullen wij ons werk daar binnenkort afronden. Hulp
in het deltagebied voor wederopbouw, voeding, water en sanitatie
blijft essentieel.
In het kort:
- hulp geboden aan meer dan een half miljoen slachtoffers
- gewerkt in de gebieden rondom Laputta, Ngapudaw, Phya Pon,
Bogaley (meer dan 1.100 dorpen)
- van mei tot en met oktober 2008 intensieve noodhulp, van
oktober – december verminderd
- 128 internationale medewerkers, meer dan 650 lokale medewerkers
(op rotatiebasis).
29 april 2009