Ook in het door overstromingen
getroffen Pakistan zijn kinderen ernstig ondervoed geraakt. 9
mobiele teams van Artsen zonder Grenzen gaan langs
vluchtelingenkampen om ondervoede kinderen op te sporen en
hoogwaardige voedselhulp te bieden. Het team van verpleegkundige
Hamdullah is één daarvan. Dagelijks gaat hij met zijn mensen op pad
in de vergeten provincie Belutsjistan.
Moesson
De overstromingen door de moessonregens hebben zo’n 600.000
mensen uit de naburige provincie Sindh op de vlucht gejaagd naar
Belutsjistan. Sommigen zijn zo wanhopig dat ze helemaal naar de
provinciehoofdstad Quetta reizen, een afstand van 300
kilometer.
Ondervoede kinderen
Veel mensen hebben alles verloren, van huizen
tot familieleden. Boeren die hun land moeten pachten gaan door voor
de allerarmsten en hebben niets meer bij aankomst. Met de toestroom
van de ontheemden zag Hamdullah ook een golf van ernstig ondervoede
kinderen van de pachtboeren naar de voedingsprogramma’s van Artsen
zonder Grenzen komen. ‘Per dag nam ik zo’n 15 tot 20 patiënten op’,
zegt hij.
Voedselhulp
De voedselhulp na de overstromingen richt zich
vaak op het bestrijden van honger en niet op het behandelen van
ondervoeding, wat vaak voldoende is om de zwakste kinderen te
beschermen.
Afweersysteem
‘Het behandelen van kinderen onder de 5 jaar is
essentieel’, zegt arts en medisch coördinator van Artsen zonder
Grenzen in Pakistan Ahmed Mukhtar. ‘Als kinderen ernstig ondervoed
raken, kan hun afweersysteem levensbedreigende infecties en ziekten
niet meer aan. Als er niet op tijd behandeld wordt, lopen ze
onherstelbare lichamelijke en geestelijke schade op.’
Therapeutisch voedsel
In heel Pakistan hebben we 9 mobiele teams die
therapeutische voedselhulp bieden. Ze zorgen voor systematische
medische controles en weekrantsoenen van kant-en-klaar
therapeutisch voedsel. Deze pasta is gemaakt van pinda’s en melk,
verrijkt met vitamines en mineralen die de kinderen nodig hebben om
snel te herstellen.
Artsen zonder Grenzen behandelt op dit moment
zo’n 1.750 ernstig ondervoede kinderen in de provincies Sindh en
Belutsjistan.
----------------------------------------------------------------------------------------------------
Op pad
De Pakistaanse verpleegkundige Hamdullah van
Artsen zonder Grenzen gaat iedere dag op pad. Samen met zijn
assistenten Ali Sher, Noor Mohammed en Muhammed Iqbal behandelt hij
ondervoede kinderen in de provincie Belutsjistan.
9.00, kantoor van Artsen zonder Grenzen, Quetta
Hamdullahs team is bezig met het inladen van
de pick-up terreinwagen. Zeven dozen met zakjes kant-en-klare
therapeutische voeding gaan mee, net als een kinderweegschaal, een
medicijnkist met antibiotica, een tent, een tafel met stoelen en
schoon drinkwater.
9.30, Oostelijk doorgangskamp, Quetta
Op het kort geleden nog overbevolkte terrein van de Moslim
Gezondheidskliniek staan nog maar 40 tenten. Hamdullah is verrast:
‘Een aantal families is eerder teruggekeerd naar huis dan we
dachten. Ze willen blijkbaar per se terug zijn voordat de winter
invalt.’
Binnen een paar minuten nadat de kliniek is
opgezet, drommen al 20 jonge Sindhi meisjes rond Hamdullahs tafel
en weegschaal. Ze hebben hun kleine broertjes en zusjes op de arm.
In hun handjes hebben ze blaadjes papier, teken dat het team vorige
week ook geweest is. Op de briefjes staan de naam van het kindje,
hun gewicht en de datum van de volgende checkup.
Zo begint het ritueel dat de hele dag
terugkeert: Ali Sher roept een naam af, Hamdullah controleert die
en het dorp van afkomst voordat hij het kind weegt en meet. Snel
berekent hij de vooruitgang van het kind en dan geven Noor Mohammed
en Muhammed Iqbal het voorgeschreven aantal zakjes therapeutisch
voedsel.
10.20
Gulbano Nazir wacht geduldig in de lange rij
vrouwen en kinderen, terwijl ze haar zonen Khalid, 18 maanden, en
Hussain van 3 goed vasthoudt. Door de overstromingen is hun lemen
huis bij de stad Jacobabad een maand geleden weggespoeld. Met haar
man Mohammed Rafiq en zeven andere wanhopige families heeft ze
60.000 Pakistaanse rupees bij elkaar geschraapt, door hun
resterende bezittingen te verkopen en wat geld te lenen.
Khalid was ernstig ondervoed, maar hij
herstelt snel, dankzij de hoogwaardige therapeutische voeding. Hij
valt meteen aan zodra Gulbano het zakje voor ‘m open maakt.
Ondanks dat er nauwelijks informatie is over
de situatie bij Jacobabad, gaat de familie terug naar haar
verwoeste dorp. Dat kan wel betekenen dat het herstel van Khalid
net zo onzeker is als de toekomst van de familie.
‘Ik wil gewoon naar huis. Het leven in het
kamp is zwaar en de winter komt eraan, zegt Gulbano. Khalid moet
het voorlopig doen met de 14 zakjes therapeutische voeding die zijn
moeder meeneemt naar hun tent.
Die voorraad moet genoeg zijn tot de familie
het volgende doorgangskamp bereikt bij Dera Murad Jamali terug naar
Jacobabad, waar Artsen zonder Grenzen ook een voedingsprogramma
heeft.
13.00, Kamp 2, vlakbij de spoorlijn naar Quetta
De zon schijnt onbarmhartig op de 300 tenten
van Kamp 2, waar het team de kliniek inricht in het geblakerde
landschap. De tent staat nog maar nauwelijks, en meteen stromen de
wanhopige moeders toe. Ze proberen hun huilende babies te
beschermen tegen de zon, terwijl ze zich verdringen voor de
weegschaal van Hamdullah.
Als Hakim Zadi met haar zoontje Akhsa Banu
Hamdullahs tafel bereikt, kijkt hij even naar het kind en pakt een
MUAC-bandje. Hij doet het om Akhsas kleine linkerarmpje en meet
het. De pijl staat in de rode zone: een omtrek van nog geen 11
centimeter.
‘Voor een kind van 18 maanden wijst dit op
ernstige ondervoeding’, zegt Hamdullah, terwijl hij Hakim een zakje
therapeutische voeding geeft.
15.00
Het mobiele team gaat terug naar kantoor en
voor het middaggebed. Ze hebben bijna 200 patiënten gewogen en
gemeten en ruim 50 kilo therapeutische voeding verdeeld onder meer
dan 40 patiënten.
‘Het doet me goed als ik de toestand van een
kind met ieder bezoek zie verbeteren. De mensen gaan dan wel naar
huis, maar er is nog veel te doen: de effecten van de
overstromingen zijn nog niet voorbij’, zegt Hamdullah.