Op 12
januari werd Haïti door een zware aardbeving getroffen. Artsen
zonder Grenzen was reeds aanwezig en verleende noodhulp. Hoe staat
het er nu voor? Een interview met Karline Kleijer, zij is een van
de noodhulpcoördinatoren.
Dagelijkse operaties
'In het begin moesten we overal tijdelijke
onderkomens vinden voor onze hulpprojecten, nu hebben we
grotendeels vaste locaties gevonden. En we starten nog steeds
nieuwe activiteiten. We werken nu in drie ziekenhuizen en vier
klinieken. We voeren dagelijks operaties uit in ons orthopedisch
ziekenhuis. Soms gaat het om ongelukken of mensen die tijdens
opruimwerkzaamheden klem raken onder brokstukken, maar vaker gaat
het om tweede of derde operaties van oude botbreuken die verkeerd
hersteld zijn of om de mobiliteit van patiënten te verbeteren. De
laatste zijn misschien niet levensreddend maar wel
levensveranderend. Het maakt het verschil uit tussen je leven in
een rolstoel doorbrengen, of te kunnen lopen, je armen te kunnen
gebruiken en dus ook te kunnen zorgen voor een inkomen, voedsel,
een opleiding voor je kinderen.'
In ziekenhuis en kliniek
'Daarnaast werken we sinds maart in een
verloskundig ziekenhuis, waar we inmiddels bijna 2.500 bevallingen
hebben begeleid, 330 daarvan via een keizersnede. Eind mei zijn we
een kinderziekenhuis gestart waar we ook ernstig ondervoede
kinderen behandelen. We runnen drie klinieken in daklozenkampen en
nog één in een gedeelte van de stad waar veel mensen door de
aardbeving getroffen zijn. De klinieken geven een groot pakket aan
zorg: van medisch consulten, wondverzorging,
zwangerschapsbegeleiding, psychosociale zorg tot en met vaccinaties
voor kinderen. Per week komen er 1.000 mensen in elke kliniek. Het
Maternité Solidarité, ons oude ziekenhuis voor spoedeisende
verloskundige zorg, is ingestort tijdens de beving. Onze ingenieurs
zijn hard aan het werk om een nieuw ziekenhuis te bouwen.'
Dakloos
'Veel mensen zijn nog steeds ontdaan en
durven, ook al hebben ze een huis, nog steeds niet binnen te
slapen. Er is veel onzekerheid en angst voor de toekomst. De
grootste nood betreft de mensen die dakloos zijn geworden. In
Port-au-Prince alleen al wonen er meer dan 900.000 mensen op straat
waarvan het merendeel boven op elkaar in gammele hutjes van plastic
zeil en touw. In de hoofdstad zijn er 1.100 kampen en meer dan
1.300 in het gehele getroffen gebied. De levensomstandigheden zijn
mensonterend. Er is nog steeds een tekort aan latrines en het is er
onveilig, vooral voor vrouwen. Het regen- en orkaanseizoen is
begonnen wat de situatie nog treuriger maakt. Sinds ik in Haïti ben
heb ik een grondige hekel gekregen aan regen. Behalve dat de hutjes
instorten, zijn er ook grote problemen met de waterafvoer waardoor
toiletten overstromen en de kampen in een groot modderbad
veranderen. Mocht Haïti door een orkaan worden getroffen is de
ellende waarschijnlijk niet te overzien.’
WK voetbal!
‘Tegelijkertijd is er ook wat positiefs te
melden: een hoop scholen zijn inmiddels weer opgestart, de stad
ziet er als vanouds weer uit als één grote rommelmarkt met overal
kraampjes en mensen die hun waren verkopen. Ook volgt iedereen
volop het WK voetbal. Na Brazilië is het Nederlandse team erg
populair!'