Slachtoffers van seksueel geweld zijn vaak verwikkeld
in een eenzame strijd. Vertellen ze anderen over het misbruik, dan
kunnen familie en gemeenschap hen uitstoten. ‘Wereldwijd zijn
miljoenen mensen het slachtoffer van seksueel geweld,’ zegt Thilde
Knudsen, vroedvrouw en medisch adviseur vrouwengezondheidszorg van
Artsen zonder Grenzen. In haar werk heeft zij gezien hoe het in
vele delen van de wereld een - weerzinwekkend - deel van het
dagelijks leven vormt. Zowel in tijden van oorlog als van vrede.
Artsen zonder Grenzen geeft medische en psychosociale hulp aan
verkrachtingsslachtoffers.
Na verkrachting of misbruik kampt het
slachtoffer met mogelijk schadelijke gevolgen voor haar gezondheid:
lichamelijk én geestelijk. Thilde: ‘Vrouwen die verkracht zijn
lopen het gevaar op besmetting met hepatitis of hiv, of zwanger te
zijn van hun verkrachter. Zij hebben dus baat bij onmiddellijke
medische hulp. Als ze binnen 72 uur hulp zoeken, kunnen we
besmetting met hiv voorkomen en tot op 5 dagen na het misbruik
kunnen we ze - als ze dat willen - helpen niet zwanger te raken.
Ook geven we hen inentingen tegen tetanus en hepatitis B, en
antibiotica tegen soa’s.’
Psychische problemen
Veel verkrachtingsslachtoffers kampen met
slapeloosheid, hoofd- en buikpijn: lichamelijke klachten als gevolg
van hun psychische problemen. Ook is het vertrouwen van mensen en
het aangaan van relaties moeilijker. En ze zijn bang wat er gebeurt
als mensen weten wat hen is overkomen. ‘Vaak worden ze ervan
beschuldigd dat zij het over zichzelf hebben afgeroepen. Mensen
zeggen dat ze onrein zijn, niet van waarde zijn en sluiten hen
daarom uit van hun leven. Dit geldt voor hun echtgenoten, andere
familie en de gemeenschap. Het is dus belangrijk dat ze - naast
medische zorg - ook psychosociale zorg krijgen, zo anoniem
mogelijk. Direct nadat ze bij ons komen, en ook later met
follow-upsessies,’ licht Thilde toe.
In vertrouwen
‘We hebben gewerkt in gebieden waarvan we
weten dat seksueel geweld veel voorkomt. Toch kwamen er maar weinig
mensen naar ons toe voor hulp,’ vult Thilde aan. ‘Dus uit ervaring
weten we dat mensen gewoon niet komen als ze daarbij ontdekt kunnen
worden.’ Vaak wordt de zorg voor verkrachtingsslachtoffers daarom
gegeven op plekken waar je ook voor andere problemen kunt komen.
Bijvoorbeeld een kliniek voor gezondheidszorg voor vrouwen, of een
gezondheidspost waar zwangerschapsbegeleiding wordt gegeven. Zo
valt het minder op als een vrouw hiernaartoe gaat.
Vervolging
Artsen zonder Grenzen ziet seksueel geweld als
een misdaad, maar helaas is het soms zo ingeburgerd dat mensen
vinden dat verkrachting iets onvermijdelijks is geworden en iets
wat vrouwen gewoon moeten ondergaan. Thilde: ‘We oefenen geen druk
uit op de slachtoffers om gerechtelijke stappen te ondernemen: we
moedigen het niet aan, maar het ontmoedigen doen we ook niet. Maar
we bieden altijd aan hen een medisch-juridisch certificaat te
geven. Hiermee getuigen we ervan dat we hen hebben behandeld en wat
wij vastgesteld hebben (zoals sporen van verkrachting). Dit kunnen
zij gebruiken om de dader te vervolgen. Soms willen vrouwen het
niet, ze durven het getuigschrift niet mee naar huis te nemen.
Mochten ze later van gedachten veranderen, dan kunnen ze het later
ook nog van ons krijgen. Ook werken we met andere organisaties
samen die juridische en sociale ondersteuning geven.’
Veranderen
De aanwezigheid van Artsen zonder Grenzen
alleen al kan voor verandering zorgen in de denkbeelden van mensen.
‘Door ons openlijk uit te spreken tegen seksueel geweld, medische
zorg te bieden, en de problemen zichtbaar te maken voor de
samenleving, kunnen wij ertoe bijdragen dat het stigma vermindert
en dat er meer initiatieven komen om seksueel geweld te voorkomen
en aan te pakken,’ besluit Thilde.