'ARMOEDE ÉN ONGELUK IS EEN MENS TE VEEL'

Het verhaal van meneer Kortlandt

Op zondagnacht 18 oktober 2009 is professor Kortlandt in zijn slaap overleden.
Wij betreuren zijn overlijden en spreken ons medeleven uit aan zijn echtgenote en zijn kinderen.


Pim de Graaf, voorzitter Artsen zonder Grenzen


© Maartje GeelsProfessor doctor Adriaan Kortlandt (91) wordt gerekend tot een van de belangrijkste Nederlandse gedragsbiologen van de afgelopen eeuw. Veel van zijn baanbrekende onderzoeken voerde hij uit in Afrika. Geïnspireerd door wat hij daar zag, besloot hij Artsen zonder Grenzen op te nemen in zijn testament. Een gesprek met de heer Kortlandt.

 

Zijn werk als natuuronderzoeker bracht Adriaan Kortlandt naar vele landen over de hele wereld, waaronder 14 Afrikaanse landen (zoals Senegal, Guinee, Sierra Leone, Nigeria, voormalig Frans-Congo en Belgisch Congo, Rwanda, Gabon, Ethiopië, Tanzania, Kenia en Zuid-Afrika). Zo is hij in aanraking gekomen met vele mensen. 'Een keer deed ik onderzoek op een plantage naar het gedrag van chimpansees. Een kind van een arbeider was ernstig ziek. Ik heb het kind in mijn auto gezet en naar een missiepost gebracht. Van de vader kreeg ik als dank één ei. Waarschijnlijk omdat hij maar één kip had. Zo leerde ik dat je soms heel anders moet denken in de wereld.'

 

Hoe heeft u uw tijd in Afrika ervaren?

'Het was telkens weer een groot avontuur, in het bijzonder met het bestuderen van in het wild levende chimpansees. Maar er waren ook akeligheden, zoals onzuiver drinkwater, onbruikbare riolering, auto's zonder remmen, hutten met onvoldoende bescherming, ontoereikende medische zorg en ongedierte. Mensen liepen daar vaak blootsvoets en bezeerden zich aan stekelige planten waarvan zij zwerende wonden op hun voeten kregen. Die mensen wilde ik voor mij hebben werken, want ik had medicijnen om hun voeten te behandelen.'

 

Hoe bent u ertoe gekomen uw vermogen aan goede doelen te schenken?

'Ik heb in Afrika ontzettende ellende gezien. Bij het naderen van de oude dag gingen deze akeligheden met al hun ellende en misère meer en meer door mijn hoofd spoken. Toen volgden de televisiebeelden van miljoenen wreedheden en de massamoorden in vrijwel heel tropisch Afrika. In mijn ziel had ik nu geen rust meer. Ik besloot uiteindelijk om vrijwel al mijn zuinig opgespaarde bezittingen weg te geven. Ik wil graag in plaats van de mensen die het hier goed hebben, goede doelen begunstigen. Ik heb in Afrika veel hulporganisaties ontmoet en ik geef aan de twee die wél de moed hebben om te blijven. Ik vind Artsen zonder Grenzen en Oxfam de meest dapperen.'

 

Heeft u ooit voor Artsen zonder Grenzen willen werken?

'Zelf zou ik ongeschikt zijn om voor een hulporganisatie te werken. Het emotioneert mij nog steeds zeer, het was te veel voor mijn gemoedsrust. Het gaat om het welzijn van de mensen, het is niet een kwestie van armoede. Want je kunt arm zijn en toch gelukkig zijn. Maar armoede én ongeluk, dat is een mens te veel. Daarom geef ik mijn hele vermogen aan noodlijdende gebieden in Afrika.'