Vragen over onze financiën

Hoe financieren wij onze hulpprojecten: wat zijn onze inkomsten en uitgaven? En wat is het salaris van onze directeur? Inzicht in onze methoden, werkwijzen, afwegingen en keuzes.

Wat verdient jullie directeur?

Het bruto jaarsalaris van onze algemeen directeur Arjan Hehenkamp bedroeg over 2015 € 110.367 inclusief vakantietoeslag. Voor de bezoldiging van haar algemeen directeur en de leden van haar managementteam gebruikt Artsen zonder Grenzen de ‘Regeling beloning van directeuren van goede doelen ten behoeve van besturen en raden van toezicht’ van de VFI (Vereniging Fondsenwervende Instellingen) als referentiekader. Op basis van drie criteria; omvang, complexiteit en context van de organisatie bepaalt deze regeling de zwaarte van de directiefuncties en daarmee het maximale jaarinkomen per functie. Artsen zonder Grenzen hanteert een functie-inschaling die tot aanzienlijk lagere bedragen leidt.

De algemeen directeur is verantwoordelijk voor de algehele koers van de organisatie en voor de goede samenwerking van alle onderdelen van Artsen zonder Grenzen. Daarbij heeft hij ook de omvangrijke taak om de operationele afstemming met de zusterorganisaties van Artsen zonder Grenzen goed te coördineren.

Arjan Hehenkamp is benoemd op basis van zijn uitgebreide ervaring op het gebied van leiderschap en het verlenen van noodhulp.

 

Waar gaat het geld dat jullie krijgen naartoe?

Er gaat zoveel mogelijk naar noodhulp. Van elke 100 euro die wij uitgaven in 2015, ging € 86,- direct naar noodhulp, € 7,- naar coördinatie en ondersteuning van de projecten, € 1,- naar voorlichting en bewustmaking, € 3,- naar kosten voor fondsenwerving, en € 2,- naar beheer en administratie. € 1,- besteedden we aan het opzetten van ons kantoor in India.

 

Hoe zorgen jullie ervoor dat het geld dat jullie van donateurs krijgen goed terecht komt?

Artsen zonder Grenzen werkt onafhankelijk. Wij bepalen zelf waar, aan wie en hoe wij onze hulp verlenen. Wij voeren zelfstandig, met ons eigen personeel, onze hulpprojecten uit, kopen zelf onze medicijnen, materiaal en apparatuur in, regelen vervoer en transport, zorgen voor de voorzieningen voor bijvoorbeeld elektriciteit en water, we bepalen zelf onze medische activiteiten en stellen onze eigen richtlijnen op. Zo beheersen wij zelf onze uitgaven. 

 

Hoe komen jullie aan jullie geld?

Het grootste deel van de hulpprojecten van Artsen zonder Grenzen wordt bekostigd met donaties van het publiek. Honderdduizenden donateurs in Nederland en andere landen dragen bij via de zusterorganisaties van Artsen zonder Grenzen. Daarnaast blijft de opbrengst uit de Nationale Postcode Loterij een belangrijke bron van inkomsten. Tenslotte vraagt de organisatie financiering voor specifieke projecten aan uit (nood)hulpfondsen van diverse nationale overheden. 

 

Krijgt Artsen zonder Grenzen geld van de overheid?

In verband met het asielbeleid van de Europese Unie (EU) neemt Artsen zonder Grenzen wereldwijd geen hulpgelden meer aan van EU-lidstaten, waaronder Nederland, en Noorwegen, dat geen EU-lidstaat is, maar wel het EU-vluchtelingenbeleid steunt. Daarnaast krijgt Artsen zonder Grenzen geld van het Global Fund, het fonds van de Verenigde Naties waaruit geld beschikbaar wordt gemaakt voor de bestrijding van tuberculose, malaria en hiv/aids.

 

Voor bepaalde projecten besluiten wij per definitie geen projectsubsidies aan te vragen van institutionele donoren; dat geldt voor landen of gebieden waar de grote donoren in te hoge mate betrokken zijn bij het conflict. Dit was in 2015 het geval in Afghanistan, de Centraal-Afrikaanse Republiek, Irak, Jemen, Jordanië, Pakistan, Syrië en ons werk in de provincie Noord-Kivu van de Democratische Republiek Congo.

Artsen zonder Grenzen streefde er in 2015 naar 10% van het jaarbudget voor projecten te krijgen van institutionele donoren. Het behaalde percentage was ook 10%. Het leeuwendeel van onze inkomsten komt dus van honderdduizenden donateurs in Nederland en andere landen waar onze zusterorganisaties actief zijn.

 

Wat geven jullie uit aan overhead?

In 2015 gaven we 3,7% van onze totale bestedingen uit aan kosten voor overhead (automatisering, huur van het kantoor, algemene verzekeringen, overige kantoorvoorzieningen, kosten van afschrijvingen) en voor management en administratie. Onder ‘overhead’ en ‘management en administratie’ vallen ook de kosten voor het bestuur en de directie, voor de accountantscontrole, voor de salarisbetalingen en andere algemene kosten. Dit komt voor 2015 in totaal op € 8,8 miljoen. 

 

Heeft Artsen zonder Grenzen het CBF-keurmerk?

Ja. Het CBF-keurmerk is ingesteld door het Centraal Bureau Fondsenwerving (CBF) en wordt na een zorgvuldige beoordeling toegekend aan fondsenwervende organisaties die zich op verantwoorde wijze bezighouden met het inzamelen van geld voor het goede doel. In 2015 waren onze totale inkomsten uit fondsenwerving in Nederland € 51,8 miljoen. De totale uitgaven ten behoeve van de verkrijging van deze inkomsten bedroegen € 7,6 miljoen. De kosten voor fondsenwerving bedroegen hiermee 14,6% van de inkomsten van fondsenwerving. Over de periode 2013-2015 bedroegen de kosten van de fondsenwerving in Nederland gemiddeld 15% van de inkomsten uit eigen fondsenwerving. Daarmee blijft Artsen zonder Grenzen ruim binnen het door het CBF vastgestelde maximum van 25%.

 

Heeft Artsen zonder Grenzen een financiële reserve?

Op 31 december 2015 had Artsen zonder Grenzen een reserve van ongeveer 8,7 maanden. Dat betekent dat als alle inkomsten ineens zouden wegvallen, de projecten en het hoofdkantoor nog 8,7 maanden door zouden kunnen draaien. De omvang van de reserve blijft ruimschoots binnen de norm van een maximale reserve van 18 maanden zoals voorgeschreven door het Centraal Bureau voor Fondsenwerving (CBF). Door die reserve kan Artsen zonder Grenzen snel reageren als er een ramp gebeurt, of als er een conflict uitbreekt en er ineens ergens honderdduizenden mensen op de vlucht zijn geslagen die dringend medische hulp nodig hebben.

Ook geeft dit ons de mogelijkheid om hulpverleningsactiviteiten te starten die staan of vallen met de onafhankelijkheid en neutraliteit van Artsen zonder Grenzen. Bijvoorbeeld hulp bieden in gebieden waar de nood hoog is, maar waarvoor internationaal nauwelijks of geen fondsen beschikbaar zijn, of wanneer wordt besloten dat institutionele financiering in strijd is met de principes van Artsen zonder Grenzen (in 2015 gold dit met name voor Afghanistan, de Centraal-Afrikaanse Republiek, Irak, Jemen, Jordanië, Pakistan, Syrië en ons werk in de provincie Noord-Kivu van de Democratische Republiek Congo). De omvang van de reserve blijft ruimschoots binnen de norm van een maximale reserve van 18 maanden zoals voorgeschreven door het Centraal Bureau voor Fondsenwerving (CBF). In principe streeft Artsen zonder Grenzen naar een reserve van 6 maanden. 92% van al onze inkomsten in 2015 is besteed.

 

Heeft Artsen zonder Grenzen beleggingen?

Artsen zonder Grenzen belegt niet in aandelen, obligaties of andere risicodragende financiële instrumenten. Ons uitgangspunt is dat we onze middelen zo direct mogelijk moeten kunnen inzetten voor onze doelstelling en geen risico's lopen met bijvoorbeeld beleggingen. Elke vier maanden maken we een liquiditeitsprognose en banksaldi in projectlanden worden zo laag mogelijk gehouden. Geld dat niet direct uitgegeven wordt, wordt in Nederland op direct opvraagbare spaarrekeningen gezet, of op kortlopende deposito's (met een maximale looptijd van twaalf maanden) geplaatst zodat we snel gelden kunnen vrijmaken ingeval van noodsituaties waar onze hulp nodig is.

 

Hoe evalueren jullie de bestedingen en aan wie leggen jullie verantwoording af?

Artsen zonder Grenzen waarborgt op verschillende manieren dat wij het geld dat wij van onze donateurs ontvangen goed besteden. Dat doen we zelf door onze projecten te laten controleren door onze interne accountants. Ook de huisaccountant, PricewaterhouseCoopers Accountants N.V., voert intensieve controles uit op de rechtmatigheid van de bestedingen. Daarnaast voeren we evaluaties uit naar de effectiviteit van onze projecten, de kwaliteit van onze medische hulp en of we wel op de juiste manier hulp verlenen. Er kijken veel mensen mee naar wat we doen en hoe we het doen, zoals: de overheden in de landen waar we werken, het Centraal Bureau Fondsenwerving (CBF) in Nederland, de pers en natuurlijk onze donateurs. 

 

Wat is jullie bankenbeleid?

Het is voor ons belangrijk een bank te hebben die goed is in internationaal betalingsverkeer, óók naar de crisisgebieden waar wij werken. Maar onze geldtegoeden hebben wij ondergebracht bij een aantal grote banken, te weten ASN Bank, ABNAMRO, Van Lanschot, RABO en ING. Dat wij moeten spreiden bij banken komt ook omdat zij geen grote tegoeden van één klant willen hebben. Met deze banken hebben wij afspraken gemaakt over een verantwoord beheer van deze gelden. Artsen zonder Grenzen werkt aan een goede spreiding van de liquiditeit.

 

Waarom hebben jullie ABN AMRO gekozen en niet een bank die maatschappelijk verantwoord investeert?

Artsen zonder Grenzen kijkt jaarlijks naar het beheer en de spreiding van de creditgelden. Artsen zonder Grenzen heeft daarbij een bank nodig die alle aspecten van het betalingsverkeer die voor onze organisatie van belang zijn goed, betrouwbaar en tegen redelijke tarieven kan aanbieden. Het gaat daarbij vooral om buitenlands betalingsverkeer en om betalingsverkeer in buitenlandse valuta maar ook om behoorlijke volumes binnenlands betalingsverkeer, zowel voor wat betreft de inkomsten als de uitgaven. Artsen zonder Grenzen werkt in rond de 25 landen wereldwijd. Vaak in conflict- en crisisgebieden. Wij hebben een bank nodig die ook naar die gebieden het betalingsverkeer kan regelen. 

Sluit zoeken

Zoekveld