Levens redden, elke dag weer

afbeelding van Josine Blanksma

Josine Blanksma

tropenarts

Josine werkte 8 maanden in het ziekenhuis in Baraka, een stad in het oosten van de Democratische Republiek Congo. Ze behandelde gedurende die tijd honderden patiënten voor malaria.

Het leven is hier intens. Kleuren zijn fel, muziek is luid, stemmen zijn hard en de lach is altijd gul. Om half acht ‘s ochtends is het al een en al bedrijvigheid in Baraka. Kinderen die vrolijk op blote voeten achter elkaar aanrennen. Ernstig kijkende vrouwen in kleurrijke doeken, met kaarsrechte ruggen en kilo’s goederen op hun hoofd. Jonge kirrende meisjes met hun peuterbroertjes of -zusjes achterop de rug. Als mzungu (blanke) loop ik er dwars doorheen, vaak nagestaard, soms nageroepen of aangeraakt door een brutaal ventje dat giechelend wordt aangemoedigd door zijn vriendjes aan de overkant van de straat.

 

 

Oorlog en geweld

Het is vijf uur ‘s ochtends als ik wakker word van ploppende geluiden. Als ik in de verte gegil en geschreeuw hoor, dringt het tot me door: geweerschoten. Het stadje doet op het eerste gezicht vriendelijk, zelfs vredig aan. Maar het blijft een conflictgebied waar rebellengroepen soms onverwacht de aanval openen op het leger. Artsen zonder Grenzen zit hier niet voor niets.

 

Dat blijkt ook de dagen erna: in het ziekenhuis arriveren verschillende patiënten met schotwonden. De meeste slachtoffers zijn vrouwen die geraakt zijn door rondvliegende kogels. We stabiliseren de patiënten en verzorgen de wonden. Sommige mensen worden, per helikopter of boot, overgebracht naar een ziekenhuis in de hoofdstad. We hebben hier in Baraka namelijk geen specialistische apparatuur of chirurg. Dit soort dagen maken behoorlijk indruk. Toch ga je ook weer snel over op de orde van de dag.

Help vandaag nog mee!

 

Het ziekenhuis

Ons ziekenhuis in Baraka is groot en hectisch. En alle ziektebeelden heb ik hier voorbij zien komen: hersenvliesontsteking, diarree, hersenmalaria, ernstige bloedarmoede en epileptische aanvallen. Maar ook extreem vroeg geboren baby’s en ernstig ondervoede kinderen. Meestal begin ik mijn dag op de Soins Intensifs, de intensive care, waar de ziekste kinderen liggen. Elke dag zie ik jonge kindjes en baby’s binnengedragen worden. Een aantal overleeft het niet. Maar de meesten kinderen hebben meer geluk en knappen binnen een paar dagen op.

 

De verpleegkundigen zijn altijd druk in de weer. Ze lopen rond, nemen temperatuur op, controleren de hartslag van de kleine patiëntjes, luisteren naar hun ademhaling en dienen medicijnen toe of leggen een infuus aan als de kinderen te zwak zijn om pillen te slikken. Ik ga zelf van bed naar bed om de patiënten te onderzoeken. Velen hebben malaria. En bij kinderen kan malaria snel fataal worden, dus het is erg belangrijk om hun symptomen goed in de gaten te houden. Is hun ademhaling erg traag of hebben ze zelfs ademnood? Verliezen ze hun bewustzijn of hebben ze stuiptrekkingen? Het laatste betekent dat er veel rode bloemlichaampjes zijn vernietigd en de hersenen en andere organen niet genoeg zuurstof krijgen. We brengen ze dan snel naar de intensive care, geven zuurstof en een bloedtransfusie als dat nodig is.

 

Arts Josine Blanksma aan het werk op de intensivecareafdeling van het ziekenhuis van Baraka in Oost-Congo.

 

Rond de klok

Het malariaseizoen was dit jaar uitzonderlijk zwaar. Maar onze hulp maakt een groot verschil voor veel families in Oost-Congo. Hier in Baraka, maar ook op vele andere plekken in het land, redden we levens, elke dag weer. Mijn collega’s en ik werken rond de klok en doen alles wat we kunnen. Dat vraagt soms veel van je. Fysiek én mentaal. Door alle (terechte) strenge veiligheidsregels is de bewegingsvrijheid minimaal. En je merkt soms dat de moeheid je begint op te breken en je geduld wat sneller opraakt.

 

Maar je doet het altijd samen. Op een gegeven moment werd een van mijn collega-hulpverleners ernstig ziek. Samen met de andere arts en twee verpleegkundigen beleefden we stressvolle momenten om haar, met de beperkte middelen die we voor handen hadden, zo goed mogelijk te verzorgen. Uiteindelijk lukte het ons om haar te evacueren naar Zuid-Afrika, waar het dichtstbijzijnde ziekenhuis was waar ze de specialistische zorg gaven die zij nodig had. Dit soort momenten testen de samenwerking en het vertrouwen binnen een team. En dat bleek bij ons gelukkig rotsvast te zijn.

 

Het leven van Josine, in en buiten het ziekenhuis. Bekijk de fotoreportage. © Jeroen Oerlemans

 

Tussen hoop en wanhoop

Je ziet veel vreselijk dingen. Maar hoe afschuwelijk ook, je went aan het lijden, de rotzooi en aan het feit dat de grens tussen leven en dood vaak flinterdun is. Er zijn ook af en toe momenten, soms heel onverwachts, dat ik besef hoe overweldigend dit allemaal is: momenten van machteloosheid, verdriet, heimwee of juist van intens geluk.

 

Ik herinner me een jongetje dat met ernstige hersenmalaria opgenomen werd. Zijn vader was bij hem. De man keek me vertwijfeld en hoopvol aan terwijl zijn zoon zijn bewustzijn verloor en de epileptische aanvallen elkaar snel opvolgden. Ik behandelde de jongen en diende medicijnen toe, maar durfde de vertwijfelde blik van de vader nauwelijks te beantwoorden. Een dag later zag ik tot mijn grote verbazing dat de jongen rechtop in bed zat. De vader zat erbij, met een enorme grijns op zijn gezicht. Hoewel we elkaar niet verstonden, deelden we de opluchting. Dat zijn voor mij de kleine wondertjes van Baraka. Dat is waar je het allemaal voor doet.

 

Met je laptop of smartphone kun jij ook een verschil maken! Meld je aan voor onze nieuwsbrief en ontvang boeiende verhalen uit het veld! Of help vandaag nog mee en doneer nu.

 

Sluit zoeken

Zoekveld