Zorgen dat de beschermingsbril goed staat hoort tot de strikte procedures en protocollen van Artsen zonder Grenzen. © Martin Zinggl/MSF

Logistieker in een ebola-uitbraak

Een uur met Martijn Ebbing staat gelijk aan een zware cross-fit workout – als je probeert hem bij te houden. Martijn werkt als logistiek medewerker in Foya, Liberia, waar we een ebolakliniek hebben.

De 43-jaar oude Nederlander staat of zit niet langer dan 60 seconden achter elkaar. Hij is constant in beweging. En als hij niet rondrent, probeert Martijn alles onder controle te hebben: een handtekening hier voor een inkoper, een vraag daar als er een chauffeur nodig is, iets afhandelen met de bewaker, een zekering verwisselen, de printer repareren, computers configureren, handleidingen doornemen, de septische tank legen en ga zo maar door.

 

Martijn Ebbing repareert de generator in Foya, Liberia. © Martin Zinggl/MSF

 

Onmisbaar gereedschap

Martijns meest onmisbare gereedschap is zijn brein. ‘En misschien mijn persoonlijkheid,’ zegt hij met een lach, voordat hij een schroef aandraait op de generator. Zijn ogen zijn gefixeerd op de machine, met honderd procent focus op zijn taak. Zijn jeans zijn bedekt in olie- en chloorvlekken.

 

Werktuigbouwkunde en aandelen

Met een graad in werktuigbouwkunde van de TU Delft op zak werkte Martijn een tijd als risico-analist bij een onderneming die aandelen verhandelt. Totdat hij realiseerde dat ‘geld niet alles is.’ Hij ging voor Artsen zonder Grenzen werken.

 

Geen controle

Na twee missies met Artsen zonder Grenzen in Mozambique en de Centraal-Afrikaanse Republiek, werd Martijn naar West-Afrika uitgezonden om als logistieker te werken in de ebola-epidemie. ‘Als je grote pech hebt, kan ebola je zomaar treffen,’ zegt hij. ‘Als je in een auto-ongeluk verzeild raakt, heb je nog steeds het gevoel dat je de situatie kunt beheersen. Maar ebola hangt ergens om je heen, en je hebt geen gevoel van controle.’

 

Focus

‘Je moet altijd gefocust blijven en je moet je concentreren.’ Martijns gevoel voor voorzichtigheid is niet veranderd sinds hij weken geleden in Foya aankwam toen het hulpproject net werd geopend. Op dat moment waren er nog maar 4 internationale medewerkers in Foya, waaronder Martijn. Daarvoor werkte hij in Guinee in een ander hulpproject in verband met de ebola-uitbraak. ‘Ze vroegen me of ik ernaar toe kon gaan, en ik zei ja. Hoe kon ik weigeren?’

 

Mensen smeekten ons om een plaats in onze auto”

Minder angst

Naast de uitdaging was er ook enige angst. ‘In het begin was ik zo bang voor ebola dat ik zelfs nauwelijks een hap door mijn mond kon krijgen. Maar nu ben ik meer ontspannen, hoewel ik mij wel strikt hou aan de zeer hoge hygiëneregels, zoals voortdurend je handen wassen.’

 

Smeken

‘Toen we hier in Foya aankwamen, was de situatie totaal uit de hand gelopen. Zieke mensen wachtten in de dorpen om opgehaald te worden en we hadden gewoonweg de voertuigen er niet voor. Mensen smeekten ons om een plaats in onze auto.’ Martijn zucht. ‘Het ergste vind ik wanneer ik me in een situatie bevind die ik niet totaal onder controle heb. En als Artsen zonder Grenzen, moeten we accepteren dat we niet altijd alles in de hand hebben.’

 

Met vrachtwagens

Maar Martijn en de rest van het team deden alles wat ze konden in deze chaotische situatie, zonder hun gevoel voor menselijkheid te verliezen. Zij regelden vrachtwagens om alle patiënten naar de ebolakliniek te brengen.

 

Vreselijk

Het team had materiaal bij zich voor één maand en voor slechts 30 patiënten. En toen zaten ze ineens met 140 patiënten op de verpleegafdeling. ‘Mensen gingen dood en lagen hier twee of drie dagen voordat we de lijken weg konden halen. Het was vreselijk.’

 

Groot verschil

‘Als logistieker moest ik prioriteiten stellen: benzine, geld, goede communicatie, hygiëne, ervoor zorgen dat de ebolakliniek kon draaien.’ En kleine zaken kunnen een groot verschil maken. ‘Ik ging naar de markt en heb allerlei kleding voor onze patiënten gekocht. Want alles wat de ebolakliniek in komt, moet vernietigd worden. Zo hoefden patiënten die hersteld waren niet naakt naar huis te gaan.’

 

Het magazijn met nieuwe kleding en sandalen voor patiënten die genezen naar huis kunnen terugkeren. © Martin Zinggl/MSF

 

Vooruitgang

Elke dag gaat het beter. Artsen zonder Grenzen heeft het team flink versterkt, zowel met lokale als met internationale medewerkers, en de situatie wordt beter beheersbaar. ‘We managen alles beter, met meer structuur, het proces is efficiënter en ik heb meer zaken onder controle dan eerst.’

 

September 2014

 

Intussen heeft de ebolakliniek capaciteit voor 100 ebolapatiënten. Naast de verzorging van patiënten biedt het team psychologische hulp aan patiënten en hun familieleden, gaan zij langs de dorpen om voorlichting te geven over ebola, het veilig begraven van mensen die aan ebola zijn overleden, runnen zij een ambulance waarmee zieken worden opgehaald en trainen zij medisch personeel en voorlichters.

Sluit zoeken

Zoekveld