© Alex Potter, juli 2015

‘Kinderen speelden het spelletje luchtaanval’

afbeelding van Karline Kleijer

Karline Kleijer

hoofd van de noodhulpafdeling

De stad Taiz in Jemen ligt op de frontlinie van gevechten. Noodhulpmanager Karline Kleijer: ‘De mensen zijn doodsbang.’

Naar Jemen reizen is moeilijk. Er gaan bijna geen vliegtuigen meer naartoe, dus Artsen zonder Grenzen heeft nu zelf voor een klein vliegtuigje gezorgd dat vertrekt vanuit Djibouti, dat onder Eritrea ligt in de hoorn van Afrika. Je hebt toestemming van beide strijdende partijen nodig om naar de Jemenitische hoofdstad Sanaa te vliegen: de ene partij controleert de luchthaven, de ander het luchtruim. Je wilt niet terechtkomen in bombardementen voordat je überhaupt bent geland.

 

Doodsbang

Van Sanaa reden we naar Taiz. Daarvoor moesten we langs meerdere checkpoints. Sommige bruggen onderweg waren verwoest, waardoor we regelmatig door wadi’s (droogstaande rivierbeddingen) moesten. De situatie in Taiz zelf is hartverscheurend. Het is een grote stad met 600.000 inwoners, waar nu een frontlinie dwars doorheen loopt. Er wordt gevochten en dagelijks vinden er luchtaanvallen plaats. De angst onder de bevolking is groot. Mensen zijn doodsbang dat hun kinderen gewond raken of gedood worden. En zij hebben een goede reden om bang te zijn. Een paar weken geleden was een vader met zijn drie kinderen aan het voetballen toen er een raket insloeg. Zij werden niet naar het ziekenhuis gebracht. Dat had geen enkele zin – alle vier waren op slag dood.

 

Een verwoeste school in de stad Taiz in Jemen. © Alex Potter, juli 2015

 

Intens

Veel luchtaanvallen vinden ’s nachts plaats. Terwijl je in bed ligt, hoor je de vliegtuigen boven de stad cirkelen, hoor je het gefluit van een vallende bom en bereid je jezelf voor op impact van de explosie. Je hoopt dat het niet jouw gebouw is dat geraakt wordt. En als je dan weet dat niet jouw gebouw geraakt is, voel je naast angst ook opluchting. De herrie van de luchtaanvallen is zo luid, zo intens, dat je het in je botten voelt. Dit is wat mensen hier moeten doorstaan. Al maandenlang.

 

Oorlog zichtbaar

De bewoners van Taiz proberen zich zo min mogelijk op straat te begeven, vanwege de checkpoints en uit angst voor de gevechten en luchtaanvallen. Maar tegelijkertijd zijn er ook plekken waar mensen nog wel samenkomen. Je kunt op enig moment door een lege straat rijden, met opgeworpen barricades aan beide kanten, om vervolgens de bocht om te gaan en door een straat te rijden met talloze mensen, marktkraampjes en spelende kinderen. Toch is zelfs dan de oorlog zichtbaar: de kinderen spelen het spelletje ‘één-twee-drie-luchtaanval’, waarbij ze allemaal zo snel mogelijk op de grond moeten gaan liggen.

 

'Dit kunnen zij niet veel langer volhouden'

 

Schaarste

De prijzen van voedsel en brandstof zijn enorm gestegen. Het meeste moet namelijk geïmporteerd worden, maar schepen kunnen Jemen niet bereiken. De schaarste zorgt dus voor stijgende prijzen. Ook schoon water is een probleem. Dat moet namelijk uit de grond gepompt worden, maar is er geen brandstof voor de pompen. Ondervoeding neemt toe. Mensen slaan maaltijden over, eten niet genoeg, proberen zo lang mogelijk te doen met voorraden. Dit kunnen zij niet veel langer volhouden.

 

Frustrerend

In één wijk in Taiz is de situatie helemaal dramatisch. Deze wijk, waar 50.000 mensen wonen, is al sinds juli belegerd. Mensen kunnen te voet de checkpoints passeren, maar ze mogen vaak geen eten, drinken of brandstof de wijk binnenbrengen. Onze eigen vrachtwagens met medisch materiaal voor een ziekenhuis in de enclave staat al ruim zes weken vast bij een checkpoint. Dat is verschrikkelijk frustrerend.

 

Mensen in de Jemenitische stad Taiz proberen op de zwarte markt aan brandstof te komen. Vanwege de schaarste zijn de prijzen enorm gestegen. © Alex Potter, juli 2015

 

Ziekenhuizen

Taiz heeft normaal twintig ziekenhuizen, maar veertien daarvan moesten hun deuren sluiten omdat zij deels verwoest werden bij aanvallen of omdat er geen medicijnen, brandstof en personeel meer is. Artsen zonder Grenzen ondersteunt zes ziekenhuizen die open zijn als dat nodig is. De meeste patiënten die er behandeld worden, zijn gewond geraakt door explosies en kogelvuur.

 

Blindganger

Bij mijn bezoek aan een van deze ziekenhuizen ontmoette ik vier jongens van rond de negen of tien jaar oud. Twee waren broers. Zij hadden gespeeld met een zogeheten UXO (een unexploded ordnance, oftewel een blindganger). Zij gooiden deze onontplofte granaat herhaaldelijk tegen een muur. Totdat deze wel ontplofte en twee van de jongens zwaargewond raakten.

 

'Hij was de enige nog aanwezige chirurg'

 

Bijzonder persoon

De gewonde jongens werden geopereerd door de directeur van het ziekenhuis. Hij was de enige nog aanwezige chirurg. Hij deed alle operaties zelf en was uitgeput. Dit is een privéziekenhuis, maar hij vroeg geen enkele patiënt om geld. Zij konden hem misschien na de oorlog een keer terugbetalen. Toen wij onze steun aanboden, brak hij in tranen uit. Hij is een bijzonder persoon – een van de vele Jemenitische zorgverleners die hun landgenoten proberen te helpen op welke manier dan ook.

 

Basiszorg nodig

Artsen zonder Grenzen is de enige internationale organisatie die in Taiz werkt. Toch is onze impact niet heel groot. Wij richten ons op de oorlogsgewonden en andere medische noodgevallen. Maar de oorlog heeft er ook voor gezorgd dat veel mensen geen toegang meer hebben tot basiszorg. Het is belangrijk dat vrouwen en kinderen een plek hebben waar ze naartoe kunnen voor goede zorg. Daarom openen wij zelf een ziekenhuis voor moeder-en-kindzorg in Taiz.

 

November 2015, dit verhaal werd eerder geplaatst in The Guardian op 9 november 2015


afbeelding van Karline Kleijer Geschreven door: Karline Kleijer
Karline Kleijer is hoofd van het noodhulpteam van Artsen zonder Grenzen.
Sluit zoeken

Zoekveld