Augustus een van bloedigste maanden in regio Damascus, Syrië sinds begin oorlog

vrijdag 11 september 2015

Bij intensieve bombardementen op de belegerde plaats Oost-Ghouta, vlakbij de Syrische hoofdstad Damascus, behandelden door Artsen zonder Grenzen ondersteunde veldhospitalen wekenlang elke dag minimaal 150 oorlogsgewonden. Bij de aanvallen in augustus werden markten en andere burgerdoelwitten getroffen.

 

Afgrijselijke situatie

‘Dit is een van de bloedigste maanden in de oorlog sinds de verschrikkelijke aanvallen met chemische wapens in augustus 2013,’ zegt operationeel directeur Dr. Bart Janssens van Artsen zonder Grenzen. ‘De veldhospitalen die wij ondersteunen hebben beperkte middelen en opereren in gevaarlijke gebieden. Het is ongelooflijk dat zij zo veel ernstig gewonde patiënten konden behandelen. De aanhoudende inspanningen van de Syrische artsen om onder zulke omstandigheden levens te redden, is inspirerend. Maar de situatie die hen daartoe dwingt, is afgrijselijk.’

 

Ongekende toestroom aan gewonden

De dertien veldhospitalen in en rond Oost-Ghouta hadden tussen 12 en 31 augustus te maken met een ongekende toestroom van gewonden. Van zes veldhospitalen heeft Artsen zonder Grenzen exacte gegevens: er werden 1.932 gewonden behandeld, 337 mensen overleefden hun verwondingen niet. Onder de omgekomen mensen waren 104 kinderen.

 

Belegering breidt uit

Ondertussen worden ook gebieden ten noorden van Damascus – All Tall, Hameh en Qoudsaaya – belegerd. Hier leven ongeveer 600.000 mensen. Medicijnen en medisch materiaal, voedsel, brandstof en andere basismiddelen komen het gebied niet in. De belegering van andere plaatsen, zoals Mouadamiyieh, ten zuiden van Damascus, is zelfs versterkt. Niet alleen is de invoer van basismiddelen naar die plaatsen onmogelijk, ook mensen kunnen niet langer van en naar deze plaatsen reizen. Medische evacuaties zijn daardoor ook niet mogelijk.

 

 

Wurggreep van geweld

‘Deze wurggreep zorgt ervoor dat gemeenschappen niet aan middelen kunnen komen die cruciaal zijn om te kunnen overleven,’ zegt Dr. Janssens. ‘We weten dat in Oost-Ghouta 400 amputaties zijn uitgevoerd. Velen daarvan konden voorkomen worden als er specialistische zorg mogelijk was. Via doktersnetwerken lukt het ons nog steeds om medisch materiaal door de belegeringslinies te krijgen, maar dit wordt steeds lastiger.’

 

Genoeg

Artsen zonder Grenzen organiseert momenteel de herbevoorrading van de veldhospitalen, onder meer met infuus- en bloedzakken. ‘De afgelopen maand is de ergste maand die ik, medisch gezien, heb meegemaakt,’ zegt de directeur van een van veldhospitalen. ‘Iedereen die niet dood is of gewond is geraakt, heeft geluk had. We hebben genoeg dood en verderf gezien. Genoeg bloed en ellende. Genoeg.’