Migranten en vluchtelingen op Kos, Griekenland

vrijdag 19 juni 2015

Het aantal migranten en vluchtelingen dat in Griekenland aankomt, vooral op de eilandengroep Dodekanesos, is de afgelopen weken gegroeid. De mensen zijn op de vlucht voor oorlog, geweld en armoede. Sinds begin 2015 zijn er vanuit Turkije al ruim 46.000 bootvluchtelingen aangekomen. Daarvan landden zo'n 14.000 mensen op de Dodekanesos. Sinds maart 2015 zet Artsen zonder Grenzen zich op het eiland Kos in voor de verzorging van de nieuwkomers.

 

Aan hun lot overgelaten

'De Europese Unie lijkt deze mensen als vijanden te beschouwen. Ze willen muren bouwen, het leger inzetten, hulp beperken of zelfs weigeren … Alles om hen buiten te houden,' zegt Stathis Kyroussis, coördinator van de hulp van Artsen zonder Grenzen in Griekenland. 'Ik heb al in heel wat vluchtelingenkampen gewerkt, in Jemen, Malawi en Angola. Maar het is de eerste keer in mijn leven, hier op Kos, dat ik mensen zie die zo totaal aan hun lot worden overgelaten.'

 

Het hotel Captain Elias stond al vele jaren leeg en bevindt zich ver weg van het centrum. Mensen moeten hier verblijven van de plaatselijke autoriteiten tot ze van de politie het eiland mogen verlaten. Kos, Griekenland – 8 juni 2015. © Alessandro Penso

 

Vervallen hotel

De meeste migranten die op het eiland aankomen, slapen in of rond het voormalige hotel Captain Elias – een leegstaand, vervallen gebouw aan de rand van Kos-stad. Honderden mensen slapen waar ze plaats vinden: in portalen, op trappen en op de stoffige vloer van de vroegere hotellobby.

 

Onaanvaardbare omstandigheden

De meeste vluchtelingen komen uit Afghanistan en Syrië, maar er zijn ook mensen uit Irak, Iran en Bangladesh die een uitweg zoeken voor de ellende in eigen land. Na hun overtocht krijgen ze van de plaatselijke overheid te horen dat ze in het oude gebouw moeten blijven. Het is de enige plek die hen ter beschikking wordt gesteld terwijl ze op toestemming van de politie wachten om Kos te verlaten, wat weken kan duren.

 

Douches en toiletten

Kyroussis: 'Bij gebrek aan overheidshulp besloten wij zelf iets te doen voor de gezondheid en waardigheid van deze mensen. We hebben het hotel schoongemaakt. Het zwembad, dat een gevaar vormde voor kleine kinderen, hebben we geleegd. We hebben toiletten en douches geïnstalleerd. We behandelen mensen en hebben nu ook een psycholoog in ons team. De toestand is dus al iets beter, maar er is veel te weinig plaats.'

 

Deze Afghaanse familie wachtte buiten het politiestation op papieren om het eiland te verlaten. Zonder resultaat. Vanwege de vele insecten die de kinderen beten, hebben ze hotel Captain Elias verlaten, aldus de vader. © Alessandro Penso

 

Mobiele bootkliniek

Tot nu toe heeft het team ruim 1500 mensen behandeld voor chronische aandoeningen, luchtweg- en huidinfecties, spierpijn en maag- en darmaandoeningen. Ook startten we een mobiele bootkliniek om mensen te helpen die op de naburige eilanden aankomen. We deelden ook al meer dan 14.000 spullen om mensen te helpen te overleven, zoals nooddekens, noodvoeding en zeep.

 

Degelijk opvangbeleid

Artsen zonder Grenzen is op dit moment de enige organisatie die zich inzet voor betere leefomstandigheden in Captain Elias en die medische en psychosociale hulp verstrekt aan de mensen die er verblijven.

 

Plicht

'Wat hier nodig is, is een degelijk opvangbeleid vanuit de staat, inclusief goed onderdak, aanvaardbare hygiënische omstandigheden, basisgezondheidszorg, en duidelijke informatie over waar ze zijn, wat hun opties zijn en wat de volgende administratieve stappen inhouden. Als je nu aan de mensen vraagt wat hen te wachten staat, hebben de meesten geen enkel idee. Dit alles is een plicht, en het is ronduit beschamend dat daaraan wordt verzaakt tegenover mensen die al zoveel hebben meegemaakt,' besluit Kyroussis.

 

 

Lees ook het verhaal van Muhammed uit Afghanistan 'Ik dacht aan mijn gezin, niet aan mezelf' en van landencoördinator Thasis Kyroussis over de situatie op Kos. Artsen zonder Grenzen geeft  hulp in en rond de Middellandse Zee 

Sluit zoeken

Zoekveld