Irakese vluchtelingen komen aan in Kirkuk. Artsen zonder Grenzen biedt hulp met onder andere mobiele klinieken en door dekens en spullen voor de dagelijkse  hygiëne uit te delen. Kirkuk, Irak © Alessandra Pavone

'Ineens stonden er allemaal auto's bij de moskee'

afbeelding van Jetske Duncker

Jetske Duncker

tropenarts

‘Ik zie het nog voor me, ineens een mensenmassa voor de onafgemaakte moskee.’ Tropenarts Jetske Duncker werkte in Noord-Irak, waar mensen aankomen die op de vlucht zijn voor gevechten in hun regio.

Op een dag reden we terug van de gezondheidspost die wij ondersteunen, naar Kalar, een stadje tegen de zuidgrens van Iraaks Koerdistan aan. Langs onze route stond een onafgebouwde moskee met een goudkleurige koepel. We waren er wel eens gaan kijken en dachten bij onszelf: ‘Dit gaat heel mooi worden.’ Maar nu, ineens, stonden er allemaal auto’s bij de moskee. Mannen, vrouwen, kinderen, bij elkaar zo’n 500 mensen.

 

Niet verder

Ze hadden met alles wat ze mee konden nemen 2 dagen gereden. Ze waren op weg naar Sulmaniyah maar kwamen niet door de checkpoints. Ze besloten onderdak in de moskee te zoeken. Diezelfde dag hebben we water uitgedeeld en daarna ook zeep, meer flessen water en matrassen. En natuurlijk medische zorg gegeven. De lokale bevolking heeft snel wasgelegenheid en toiletten gebouwd en deelde dagelijks water uit in de vorm van ijsblokken.

 

Ineens was zij totaal afhankelijk van vreemden

 

Tranen

Er waren veel families waarvan mensen vermoord waren. En vrouwen van wie de mannen waren achtergebleven om te vechten. Er was een vrouw die elke keer als we langskwamen, in huilen uitbarstte. Zij vertelde ons hoe haar huis was leeggehaald, hoe zij met haar kinderen was gevlucht. Maar haar man was achtergebleven en dus had ze geen geld, want daar kon ze zelf niet bij. De lokale bevolking kwam haar 3 keer per dag eten brengen. Ineens was zij totaal afhankelijk van vreemden en kon ze niet zelf voor haar kinderen zorgen. Dat vond ze het ergst.

 

Knuffel

En er was een meisje dat altijd naar me toekwam. Ik gaf haar dan een knuffel en zij gaf mij een hele stevige knuffel terug. Ze liet me niet meer los. Later hoorde ik dat ze haar ouders, broertjes, zusjes, iedereen kwijt was. Een tante had haar onder haar hoede genomen.

 

Psychologisch effect

Het is op zich zo slecht nog niet om in een moskee te moeten verblijven; ik heb het slechter gezien in een vluchtelingenkamp in Zuid-Sudan waar ik hiervoor gewerkt heb. Maar het is wel zo dat deze mensen uit een veel betere situatie komen. Irak is een middeninkomensland, mensen hadden zoveel meer. Het verschil tussen thuis en hier is heel groot en heel cru. En dat heeft zeker ook een psychologisch effect. En dan is er ook nog de hitte: elke dag minstens 60 graden Celsius. De koudste dag die ik heb meegemaakt was het 62.5 graden, op de heetste 77. Door de hitte lopen mensen het gevaar op uitdroging en dat kan levens kosten.

 

Chronische ziekten

Wij vroegen de mensen hoe het met hen ging, welke medicijnen zij vast moesten slikken. Zoals een meneer die een hartaanval had gehad en medicijnen moest innemen om een nieuwe te voorkomen. Onze vertalers waren niet medisch onderlegd, maar ze leerden snel. Zoals het verschil tussen hypertensie en hypotensie. De eerste is te hoge bloeddruk, de tweede te lage. Beide zijn niet goed.

 

Jullie komen térug

 

Terug?

In het begin probeerden de mensen iedere dag opnieuw door de checkpoints te komen, maar dat lukte niet. Als mensen vonden dat ze te lang moesten wachten, gingen ze soms terug naar Bagdad of Amadi: ‘Als we toch doodgaan, dan liever terug.’ Maar wat is thuis? Staat je huis er nog, en als het er nog is, heb je dan nog meubels?

 

Afscheid

Pal voordat ik wegging mochten ze, onder meer na veel gelobby van onze kant, naar een containerkamp buiten de stad waar ook een kliniek bij hoorde, Dat was mooi. Toen ze weggingen, namen ze uitgebreid afscheid van ons. Onze hulp was naast medisch ook een soort psychologische eerste hulp: gewoon door er te zijn, met ze te praten en door térug te komen. Dat vonden mensen het verschil tussen ons en andere organisaties: ‘Jullie komen térug.’

 

Voor hen zijn

Er is een enorme instroom aan mensen in Iraaks Koerdistan, voor hun gevoel is het de enige plek waar ze heen kunnen, waar ze veilig zijn voor de gevechten. Daar, in Koerdistan, was de gezondheidszorg al zwak en nu, met deze toestroom, zakt het in elkaar. De mensen hebben hulp nodig. Hun gezondheidstoestand op het moment van vluchten is beter, maar als zij vluchteling blijven, afhankelijk zijn van anderen en niet de kost kunnen verdienen, zwakt dat af. Wat wij er voor de vluchtelingen doen is er simpelweg er voor hen zijn.

 

Augustus 2015

 

 

De mensen die naar en bij de grenzen van de regio Koerdistan (Sulaimaniyah gouvernement) vluchten, proberen te ontkomen aan de onveiligheid en het gewapende conflict in het zuidelijker gelegen Diyala gouvernement en omgeving. Artsen zonder Grenzen werkt in en rond Kalar en in het Arbat vluchtelingenkamp.


afbeelding van Jetske Duncker Geschreven door: Jetske Duncker
Jetske Duncker (29) is tropenarts en komt uit Amsterdam. Als onderdeel van haar studie heeft zij tevens gewerkt op een chirurgische, gynaecologische en kindergeneeskundige afdeling in Nederland.
Sluit zoeken

Zoekveld