De vlucht van Goma naar Walikale. © Tessa Thiadens/MSF

De landing

Na een week van briefings in Goma sta ik te popelen om dan ook echt naar het project te gaan.

Walikale ligt hemelsbreed maar 250 kilometer bij Goma vandaan, maar uit veiligheidsoverwegingen (de wegen zijn heel slecht én er zijn ongeveer 30 gewapende groepen actief in heel Noord-Kivu) gebruikt Artsen zonder Grenzen een vliegtuigje. Wat een prachtige vlucht! Het Kivu-meer, de vulkanen op de achtergrond, brede rivieren die door een groen landschap kronkelen: het is zó mooi dat ik even vergeet hoe misselijk ik ben in deze kleine Cessna.

 

Onze landingsbaan/dorpsstraat en ons vliegtuig dat wekelijks medicijnen en andere benodigdheden naar Walikale brengt. © Tessa Thiadens/MSF

 

MSF! MSF!

De dorpsstraat in Walikale fungeert als ‘landingsbaan’. Over een stuk van 300 meter is de weg afgezet door twee van onze auto’s. Bij het uitstappen hoor ik meteen kinderstemmetjes roepen: ‘MSF! MSF!’ (Onze internationale afkorting.) Kennelijk zijn we geen onbekende hier! We rijden naar ons terrein, waar een warm welkom wacht van mijn collega’s. We werken hier met 6 internationale en 75 Congolese stafleden, dus dat wordt veel namen oefenen! Dezelfde avond is het afscheidsfeest van mijn voorganger. Een mooie gelegenheid voor mij om iedereen te ontmoeten. Veel speeches, eten en dan het hoogtepunt: dansen op Congolese muziek. Voor het slapen kijk ik nog even naar de prachtige sterrenhemel.

 

Regen

’s Ochtends word ik om 05.30 wakker van luid regengekletter op het metalen dak van mijn kamer. Walikale ligt middenin het grootste tropisch regenwoud van Afrika, dus we hebben regelmatig forse regenbuien. Het is wel een gezellig geluid eigenlijk. Maar ik moet ook meteen denken aan al die families hier in de omgeving die in een lemen hut wonen, houden zij het ook droog? 

 

© Tessa Thiadens/MSF

 

Een andere dans

De wandeling van ons woonterrein naar het ziekenhuis is vandaag een dans van steen naar steen, om maar niet in een grote modderpoel te stappen. Ik ben er duidelijk nog niet zo goed in als mijn Congolese collega’s die me uitlachen als we bij het ziekenhuis aankomen en mijn broek al helemaal onder de modder zit. Beginnersfout!

 

Ochtendronde

We beginnen gauw aan de ochtendronde langs alle bedden. Het valt me meteen op hoe arm en onverzorgd de meeste patiënten en hun families eruit zien. Vieze kleding vol met gaten, vaak geen schoenen. Veel van deze mensen zijn op de vlucht geslagen voor geweld en het enige wat ze konden meenemen was een klein bundeltje met bezittingen. Ik denk aan mijn enorme rode koffer… 

 

Voordat de avonddienst begint draagt de dagdienst alle belangrijke informatie over aan de avonddienst. © Tessa Thiadens/MSF

 

Malaria en ondervoeding

Het grootste gezondheidsprobleem in deze regio is malaria, en dan ook meteen de meest dodelijke versie van de parasiet. De parasiet wordt op mensen overgebracht via de steek van een bepaalde muggensoort die hier heel veel voorkomt. Jonge kinderen zijn het meest kwetsbaar. En al helemaal als ze ook nog eens ondervoed zijn, wat hier helaas vaak het geval is. Jean Pierre, onze voedingsdeskundige, weet te vertellen dat de meeste kinderen hier slechts één maaltijd per dag krijgen. Artsen zonder Grenzen richt zich in deze regio dan ook met name op malaria en ondervoeding bij kinderen.

 

'Griepje'

Wat het zo moeilijk maakt is dat de eerste symptomen van malaria heel erg lijken op een gewone griep. Ouders kunnen denken, ‘Ach, ik kijk het even aan’, maar zonder behandeling kan de ziekte binnen enkele uren tot de dood leiden. Met mobiele klinieken, een aantal gezondheidsposten en een ziekenhuis probeert Artsen zonder Grenzen het sterftecijfer te verminderen.

 

Doorgezakt

Het aantal zieken overstijgt deze maand onze capaciteit: op ieder bed liggen 2 of 3 zieke patiëntjes. Plus hun gezonde broertjes en zusjes. Plus moeder. Geen wonder dat vanochtend één van de bedden doorzakte! In Nederland zouden de patiënten waarschijnlijk meteen boos naar het ziekenhuis bestuur stappen, hier lagen de moeders eindeloos in een deuk van het lachen. Het is maar hoe je er mee omgaat.

 

Water

We besluiten een aantal patiënten over te brengen naar een noodtent en binnen enkele uren is het bed gemaakt. Even later een volgend probleem: er is geen water. Als dochter van een wateringenieur dacht ik, ‘Ik ga zelf wel even kijken bij de tank’, maar toen ik daar aankwam was collega Peter er al mee bezig. Lang leve het logistieke team!

 

Dokter George tijdens de ochtendronde. © Tessa Thiadens/MSF

 

Roze vlechtjes

We gaan verder. Dokter George werkt sinds 10 maanden voor Artsen zonder Grenzen in Walikale. Hij introduceert mij aan alle medische stafleden in het ziekenhuis en praat extra langzaam, zodat ik zijn Frans kan volgen. Het is een indrukwekkende eerste werkweek. Op mijn eerste ochtend zie ik al een kindje sterven. Slik. Een meisje van drie jaar oud met roze vlechtjes in d’r haar. Malaria was de boosdoener en de behandeling kwam voor haar te laat. Zien hoe zo’n klein meisje ligt te vechten maar uiteindelijk verliest, dat doet pijn.

 

Michael, Sofia en Joseph

Ik dwing mezelf me te richten op de 80 andere kindjes die hier vandaag liggen en voor wie de behandeling wél op tijd kwam. Zoals kleine Michael, die vanochtend stuiptrekkend van de hoge koorts in het ziekenhuis aankwam, maar 8 uur en twee anti-malaria injecties later alweer praatjes heeft. Of Sofia, die twee weken geleden met zeer ernstige ondervoeding werd opgenomen en nu met sprongen vooruit gaat. Trots drinkt ze van de therapeutische melk en grijnst naar me met een brede witte melksnor op haar gezicht. Of kleine Joseph, die een longontsteking te boven is gekomen en vandaag naar huis mag. Als ik zijn kleine handje vastpak om het infuus te verwijderen kijkt hij me met grote ogen aan. 

 

 

Boeiend en uitdagend

Aan het eind van de dag wandel ik terug naar ons woonterrein, waar ik geniet van een verfrissende koude ‘emmer-douche’ en met mijn teamgenoten aan tafel schuif. Het is fijn om samen de dagelijkse dingen te kunnen bespreken, een spelletje te doen, een kampvuur te bouwen. De eerste weken in het project waren indrukwekkend, maar ik begin mijn draai een beetje te vinden en de stoomcursus Frans begint zijn vruchten af te werpen. Het is me na deze korte tijd al heel duidelijk geworden waarom we hier zijn en het is heel boeiend om onderdeel uit te maken van dit uitdagende project. We bereiken al heel veel patiënten in de regio, maar we blijven onderzoeken of er nog meer bevolkingsgroepen uitgesloten zijn van gezondheidszorg en onze hulp nodig hebben. 

 

Tessa met walkietalkie en de weg terug naar het Artsen zonder Grenzen terrein in Walikale, Oost-Congo. © Tessa Thiadens/MSF

 

Voor nu: groeten uit Walikale, volgende keer meer!

 

Juli 2015


afbeelding van Tessa Thiadens Geschreven door: Tessa Thiadens
Tessa’s ouders werkten in de ontwikkelingssamenwerking. ‘Het komt niet uit de lucht vallen dat ik tropenarts ben geworden,’ aldus Tessa. Zij is net terug van haar derde missie, in Zuid-Sudan.
Sluit zoeken

Zoekveld