Het Domeez vluchtelingenkamp in Iraaks Koerdistan. Foto van februari 2013. © Pierre-Yves Bernard/MSF

Ik had geen keuze

15 maart is de dag van een triest jubileum: 5 jaar oorlog in Syrië. Ruim 4 miljoen Syriërs ontvluchtten hun land om de bommen en het geweld te ontkomen. Waaronder voormalige accountant Bahar (36).

Zij leefde, net zoals het merendeel van de Syriërs die de grens zijn overgestoken, in een vluchtelingenkamp in een buurland. Na drie jaar besloot haar vader dat zij daar geen toekomst had en betaalde haar reis naar Denemarken. In een soort grafkist werd zij over de grens gesmokkeld. 

 

Leven in Damascus

Haar stem begint te trillen als zij terugdenkt aan haar leven voor de oorlog. Met haar echtgenoot en twee kinderen, woonde ze in Damascus. Ze werkte als accountant bij een bedrijf. Haar werk gaf haar veel voldoening, er was veel liefde in het gezin en haar man had een vrije geest, al was hij soms wel erg beschermend. Haar toekomst zag er mooi uit.

 

Syrisch Koerdische vluchteling Bahar (36), voormalige accountant en gezondheidsvoorlichter voor Artsen zonder Grenzen, in Denemarken.

 

Gearresteerd en vermoord

Maar toen, in 2011, veranderde alles. Haar man werd gearresteerd omdat hij tegen de regering had gedemonstreerd. ‘Hij werd gemarteld en vermoord. Ineens was ik enig ouder en moest ik er alleen voor zorgen dat zij veilig waren en genoeg te eten hadden. Mijn broer was met zijn gezin bij mijn moeder ingetrokken, er was niet genoeg plaats voor ons erbij.’

 

Vluchtelingenkamp in Irak

Een jaar later: het geweld in Damascus groeide en Bahar had geen werk meer. Samen met haar ouders besloten ze een toevlucht over de grens te zoeken. Zij belandden in het Domeez vluchtelingenkamp, in Iraaks Koerdistan. Ontworteld probeerde zij het beste ervan te maken. Ze solliciteerde bij de kliniek van Artsen zonder Grenzen in het kamp. Haar baan: andere vluchtelingen adviseren hoe zij het beste voor hun gezondheid en dat van hun kinderen kunnen zorgen. 

 

Het was een hel

 

Op zoek naar een beter leven

‘Maar het leven in het kamp werd steeds moeilijker, ik voelde me er niet thuis en mensen behandelden ons slecht. Elke dag zag ik mensen vertrekken. Mijn vader wilde dat ik een beter leven kreeg en betaalde mijn reis naar Europa.’ Te voet stak Bahar de grens naar Turkije over, twee dagen later kwam zij in Istanbul. Van daaruit zou een smokkelaar haar verder brengen. ‘Hij verstopte me in een soort van houten grafkist. Ik kon niets zien. ’s Nachts stopten we even, dan kon ik naar het toilet en frisse lucht happen. Ik had alleen dadels en wat water om op te overleven. De rit duurde 4 dagen, het was een hel. Ik wist niet dat ik zo’n reis kon overleven, maar ik had geen keuze.’

 

Denemarken

Toen Bahar de houten kist definitief uit mocht klimmen, stond zij op de grens tussen Duitsland en Denemarken. Samen met een groep Syriërs en Irakezen stapte ze op een bus naar de dichtstbijzijnde stad waar zij zichzelf aanmeldden bij de Deense autoriteiten. ‘Aan de ene kant was ik blij met het gezelschap van andere vluchtelingen als ik, aan de andere kant was ik bang dat de politie ons terug zou sturen.’

 

Asiel

Na 7 maanden in een opvangcentrum werd Bahar’s asielverzoek ingewilligd. Toen zij haar langverwachte verblijfsvergunning ontving kreeg ze ook het verpletterende bericht dat zij drie jaar moet wachten voordat ze haar kinderen kan laten overkomen. ‘Zó lang zonder mijn kinderen, ik weet niet of ik dat kan. Anders moet ik terug naar Irak.’

 

Maart 2016

 

Dit verhaal maakt deel uit van een serie. Lees ook het verhaal van Ahmed (26), hij overleefde meerdere aanvallen op medische voorzieningen en is nu apotheekmanager voor Artsen zonder Grenzen in Turkije. En het verhaal van oma Najah (59), zij dacht dat ze snel terug zouden gaan toen zij met haar dochter en zoon in 2012 naar Libanon vluchtte. Verpleegkundige Suar deserteerde uit het leger omdat hij geen deel wilde zijn van wanpraktijken. Nu werkt en woont hij in een vluchtelingenkamp in Irak.

 

5 jaar oorlog in Syrië

15 maart is het trieste jubileum van 5 jaar oorlog in Syrië. Meer dan 4 miljoen Syriërs zijn gevlucht voor de bombardementen en het geweld in hun land. Het merendeel leeft in vluchtelingenkampen of informele nederzettingen in buurlanden Libanon, Irak, Jordanië en Turkije. Ook medische staf bevindt zich in de frontlinie: vele ziekenhuizen en andere medische voorzieningen worden gebombardeerd. Velen zijn dan ook gevlucht, waaronder onze eigen Syrische medische hulpverleners in de pijnlijke wetenschap dat hierdoor nog minder hulp voor hun landgenoten zal zijn.

 

 

Bron cijfers totaal aantal Syrische vluchtelingen: UNHCR.

Sluit zoeken

Zoekveld