© Sami Siva

Conflict met dodelijke afloop

Psycholoog Antoine van Sint Fiet blogt vanuit standplaats India. Dit keer: over opgelaaid geweld in de straten van Churachandpur.

In Churachandpur, in de provincie Manipur, sloeg onlangs de vlam in de pan. De afgelopen vijftien jaar was er in deze regio niet meer zo’n hevige uitbraak van geweld geweest. Er is een conflict tussen de Meitei-valleimensen en de stammen van de heuvels. Die laatste vochten voorheen altijd met elkaar, maar hebben nu dus een gemeenschappelijke vijand. Waarom? Het provinciebestuur heeft drie wetsontwerpen goedgekeurd. Deze vallen ongunstig uit voor het grondbezit van de heuvelstammen – volgens de heuvelstammen zelf.

 

Woedende menigte

Sindsdien is het dus erg onrustig. De avond van de goedkeuring ging een boze menigte de straat op om de huizen van de zes politieke vertegenwoordigers in de fik te steken. De dag erna ging diezelfde woedende mensen de straat op en kwam het tot een confrontatie met de politie toen ze probeerden het politiebureau binnen te dringen. De derde dag werd het huis van de districtscommissaris tot de grond afgebrand. Dat gebeurde achter het huis waar wij wonen. Er was boos geschreeuw te horen en zelfs geweerschoten. Bij het geweld kwamen in de eerste drie dagen negen mensen om het leven. Hier is iedereen erg kwaad om.

 

‘De boosheid kwam nu in al zijn hevigheid naar buiten’

 

Eisen

Er zijn verschillende eisen gesteld door de leiders van de heuvelstammen. Twee waren het ontslag van de zes politiek vertegenwoordigers en het intrekken van de drie wetsontwerpen. De derde, belangrijkste eis was meer zelfstandigheid voor de stammen in de regio. De mensen voelen zich al tientallen jaren – terecht of niet – achtergesteld en gediscrimineerd door de Meitei-mensen in de hoofdstad en door de regering in Delhi. Dit zorgt voor boosheid die nu in al zijn hevigheid naar buiten kwam.

 

Vrouwen

Op dag drie van het conflict kwamen er verschillende groeperingen die probeerden controle over de situatie te krijgen. Iedereen was bang dat het conflict verder escaleerde of dat het conflict een raciaal conflict wordt. Dit zou namelijk heel gemakkelijk kunnen leiden tot een grootschaliger probleem. Het was interessant om te zien dat de leiders van de stammen ervoor kozen om de mannen en jongens binnen te houden en de autoriteit vooral aan de vrouwen te geven. Elke dag waren er in elke wijk van de stad ‘sit-ins’ waarbij alle vrouwen uit die wijk samenkwamen om alles in de gaten te houden. Als er een man op straat rondliep, werd hij gelijk toegeschreeuwd en naar huis gestuurd. Deze vrouwen protesteerden ook. Zij stonden voor de poorten van het politiebureau met spandoeken en gingen naar het ziekenhuis om gezamenlijk te huilen bij de lichamen van de negen martelaren. Hierdoor was er controle én bleef de druk op de overheid om iets te doen aan de situatie. Het was een ingewikkelde situatie die elke dag weer anders kon zijn.

 

‘Het liet zien dat het de mensen hier menens was’

 

Bandh

Sinds dag drie was er ook een avondklok. En was er deze week een 60-uur-bandh. Een bandh is een veelvoorkomend fenomeen in Manipur. Het is een soort van protest. Als er een bandh is, gaan alle winkels dicht en mogen er geen voertuigen over straat. Het legt het alledaagse leven volledig plat. Nu is het organiseren van een bandh in Manipur heel gewoon. De laatste weken waren er zowat twee bandhs per week, uitgeroepen door verschillende groeperingen in verschillende districten van Manipur. Sommige waren succesvoller dan andere. Maar een bandh die twee en een halve dag duurt, was nog niet eerder voorgekomen. Het liet zien dat het de mensen hier menens was.

 

Vergeten gebied

Over het algemeen is Manipur een vergeten gebied. Als hier iets gebeurt, komt het vaak niet in het nieuws. Maar nu met deze onrust was er zelfs een reportage en debat op Al Jazeera aan gewijd. Het is afwachten wat de komende tijd gaat brengen en hoe de situatie zich gaat ontwikkelen. Het kan alle kanten op. Het kan dus zover gaan dat we ons project moeten stopzetten vanwege het escalerende geweld en de onveiligheid. Het kan ook zijn dat de gemoederen bedaren en dat we weer over kunnen tot de orde van de dag. Het is lastig in te schatten.

 

‘Ik ben inmiddels een stuk beter geworden in tafeltennis’

 

Veilig

Wij als internationale hulpverleners zitten veilig. We zitten achter een muur in een huis met bewakers, min of meer opgesloten, om te zorgen dat niemand zomaar binnen komt. De agressie van de bevolking is gericht op de overheid en de mensen hier zien ons als medische organisatie die hun mensen helpt. Wij lopen weinig tot geen gevaar. Elke dag sluiten we onze kliniek halverwege de dag. Eén dag konden we helemaal open gaan.

 

Tafeltennis

Nadat we onze kliniek sluiten voor de dag, gaat iedereen naar huis. Onze medewerkers nemen, net als de rest van de gemeenschap, deel aan wat er allemaal speelt. De vrouwen zitten op straat om te protesteren. De mannen zorgen voor de kinderen, die de hele dag thuis zitten omdat de scholen gesloten zijn. En wij als internationale hulpverleners zitten opgesloten in ons huis. Soms kunnen we nog wat werken, soms ook niet. Zo ben ik inmiddels een stuk beter geworden in tafeltennis.

 

Ondersteuning

Het belangrijkste is echter om in de tijd die we hebben, zoveel mogelijk steun te blijven bieden aan onze patiënten en medewerkers in deze moeilijke tijden. Met het naar de kliniek kunnen komen, met het blijven nemen van hun medicatie, met het eventueel verwerken van een traumatische gebeurtenis. 

 

November 2015


afbeelding van Antoine van Sint Fiet Geschreven door: Antoine van Sint Fiet
Antoine van Sint Fiet werkt als psycholoog voor Artsen zonder Grenzen. 'Omdat ieder mens recht heeft op hulp. Naast medische zorg ook psychologische of sociale hulp als dat nodig is.'
Sluit zoeken

Zoekveld