Op huisbezoek

Psycholoog Antoine van Sint Fiet blogt vanuit standplaats India. Dit keer: over huisbezoeken die een diepe indruk achterlaten.

In Moreh, een plaatsje aan de grens met Myanmar, hebben wij momenteel twaalf patiënten die een behandeling van 9 of 24 maanden ondergaan tegen resistente tuberculose (MDR-TB). Dat is een vorm van tbc waartegen alleen standaardmedicijnen niet meer werken. De behandeling voor MDR-TB is lang, intensief en met vele bijwerkingen. Het is geen pretje om deze besmettelijke ziekte te hebben en het is een beproeving om ervan af te komen. Nog steeds komen geregeld mensen door deze afschuwelijke ziekte te overlijden. Gelukkig hebben we medicatie om te helpen.

 

Verhuizen

Onlangs gingen we – ik, een counselor en een verpleegkundige – op bezoek bij enkele patiënten. De eerste was een 17-jarig meisje uit Myanmar, waarbij pas kort daarvoor was vastgesteld dat ze MDR-TB had. Ze had het waarschijnlijk gekregen van een klasgenootje. Na haar diagnose moest ze van Myanmar naar Moreh verhuizen. Dit gebeurde vlak voor haar eindexamens, waardoor ze deze heeft moeten uitstellen. Haar tante ging met haar mee, zocht een huisje en blijft voor de duur van de behandeling (9 maanden, in haar geval) bij haar nichtje om haar praktisch, moreel en emotioneel te ondersteunen.

 

MDR-TB, een resistente vorm van tuberculose, is een groot gezondheidsprobleem in Manipur, India.

 

‘Infection control’

De familie had voor het meisje een aparte afgeschermde ruimte in het huis voor haar gemaakt. Dit was gedaan om te voorkomen dat ze andere mensen zou besmetten. We noemen dat een maatregel voor ‘infection control’. Ze zat daar in haar pyjama met een mondkapje op.

 

Moed

Een mooie jonge meid in de bloei van haar leven, die geveld was door deze venijnige ziekte. Ze zat er nogal zielig en wat verloren bij. Ze stond op toen ze zag dat we er waren en liep naar ons toe. Haar gezicht veranderde en er verscheen kracht in haar gelaat. Ik vroeg hoe het met haar ging. Ze zei dat het moeilijk was om niet naar school te kunnen. Ze had zo hard geleerd voor haar examens. En ze had hier geen vrienden met wie ze kon praten en lachen. Gelukkig had ze haar tante, maar ze miste haar vader en haar zusje in Myanmar. We praatten haar moed in en de counselor zei dat ze zulk mooi, lang zwart haar had. Het deed haar duidelijk goed.

 

'Deze bijzondere dag zou ze nooit meer vergeten'

 

Achttien

Het meisje moest nog met haar behandeling beginnen. We zeiden dat alle voorbereidingen daartoe afgerond waren en dat ze er klaar voor was. Ze vroeg daarop of ze de volgende dag al kon starten. Ze zou dan achttien jaar worden. We grapten dat ze haar achttiende verjaardag waarschijnlijk anders had voorgesteld, maar dat ze deze bijzondere dag in ieder geval nooit meer zou vergeten.

 

Injecties

De verpleegkundige en counselor zouden haar die dag, met de arts, de eerste injectie geven. Vanaf dat moment zou er dagelijks een verpleegkundige langskomen om haar eenzelfde injectie te geven, totdat de behandeling klaar was en ze genezen zou zijn. Ook zouden de counselor en verpleegkundige elke maand een bezoek brengen, om te kijken hoe het met haar gaat. Ze kan natuurlijk altijd eerder zeggen dat ze hulp nodig heeft, dan zouden ze gelijk langskomen.

 

Goede voorlichting en ondersteuning zijn belangrijk in de strijd tegen resistente tuberculose. © Antoine van Sint Fiet/MSF

 

Worsteling

Ik kon alleen maar denken aan de impact die deze ziekte en de behandeling op zo’n jong meisje moet hebben. In een vreemd huis in een ander land, afgesloten van vrienden en familie. Het leven staat ineens een paar maanden stil en emotioneel gezien zal het een worsteling worden. Maar ik besefte ook dat ze een stuk beter af was dan het alternatief, als er helemaal geen medicatie beschikbaar zou zijn.

 

Niet niks

Na een bezoek aan enkele andere patiënten gingen we terug naar onze kliniek. Het was goed, en zelfs leuk, om op bezoek te gaan bij deze patiënten. Toch spookte deze middag nog wel even door mijn hoofd. Het zien en voelen wat onze patiënten elke dag doormaken is niet niks. Af en toe is het goed om dat te realiseren en even stil te staan bij de reden waarvoor ik elke dag opsta en naar mijn werk ga.

 

Januari 2016


afbeelding van Antoine van Sint Fiet Geschreven door: Antoine van Sint Fiet
Antoine van Sint Fiet werkt als psycholoog voor Artsen zonder Grenzen. 'Omdat ieder mens recht heeft op hulp. Naast medische zorg ook psychologische of sociale hulp als dat nodig is.'
Sluit zoeken

Zoekveld