Aminah Saeed met haar pasgeboren baby in het Al Rawdah Hospital  in Taiz, Jemen.  De dag ervoor stond ze nog met Artsen zonder Grenzen staf te praten, ze dacht dat ze 7 maanden zwanger was. De volgende ochtend was de bevalling. © Alex Potter

Ook in oorlogstijd bevallen vrouwen

afbeelding van Nora Echaibi

Nora Echaibi

verpleegkundige en lid van het noodhulpteam

Nora (40) werkt als medisch teamleider in Jemen waar een hevige oorlog wordt gevoerd. Zij schrijft over de situatie in de belegerde stad Taiz en haar ervaringen daar.

Ik ben nu in Taiz, een stad met 600.000 inwoners waar volop wordt gevochten. Elke dag zijn er bombardementen en wordt er geschoten. Mensen zijn bang dat ze door sluipschutters, verdwaalde kogels en mortiervuur worden geraakt. Ikzelf ben bang voor de luchtaanvallen. Vliegtuigen vliegen erg laag en het geluid is verschrikkelijk, je weet nooit waar het gaat vallen. Maar meestal ben ik druk en reageer ik niet als ik iets hoor, tenzij het gebouw schudt.

 

Zandzakken tegen de kogels

Samen met mijn teamleden woon ik in een huis waar ook ons kantoor is. Onze kamers zijn simpel ingericht met een bed, tafel, stoel, aan het plafond hangt een gloeilamp. Zoals de rest van de mensen in Taiz hebben wij ook geen elektriciteit. Overdag en 's avonds gebruiken we daarom onze dieselgenerator. Voor 's nachts hebben we zaklampen. Voor de ramen liggen zandzakken die ons tegen kogels moeten beschermen. 

 

 

Ziekenhuizen verwoest

Van de twintig ziekenhuizen in de stad zijn er nog maar zes open. Omdat ziekenhuizen verwoest zijn of omdat het medisch personeel gevlucht is. Als er nog personeel is hebben ze geen medicijnen, apparatuur of andere middelen om patiënten te verzorgen.

 

Vastgehouden

Wij ondersteunen 3 ziekenhuizen in de binnenstad zodat mensen nog ergens terecht kunnen voor medische hulp. We zorgen voor medicijnen en andere medische voorraden, brandstof en loon voor het personeel. Maar het is een dagelijkse strijd. Elke dag stromen de gewonden binnen en krijg ik een telefoontje dat ze geen zuurstof meer hebben voor de intensivecare-unit of operatiekamer. Helaas kan ik niet veel voor ze doen op dit moment. Ik ben een maand bezig geweest om spullen als infuusvloeistoffen, verdovingsmiddelen, hechtmateriaal, antibiotica en zuurstofflessen aan te voeren. Twee keer werd ik urenlang bij het checkpoint vastgehouden en daarna onverrichterzake teruggestuurd. Enorm frustrerend!

 

Bevallingen

Gelukkig is er ook goed nieuws. Op 7 november openden wij een ziekenhuis voor moeder-en-kindzorg, met 110 bedden. Want ook in oorlogstijd bevallen vrouwen, worden kinderen ziek en zijn inentingen nodig. De eerste dag hadden we al 112 patiënten, de tweede dag 184, bijna 300 moeders en kinderen die we dus konden helpen!

 

Ik ben blij dat ik hier ben. Ik hou van de mensen hier, ik zie wat wij hier betekenen. Wij zijn de enigen die met buitenlandse hulpverleners in Taiz werken, en ik denk de enige hoop voor de mensen hier.

 

November 2015

 


afbeelding van Nora Echaibi Geschreven door: Nora Echaibi
Nora werkt sinds 2008 voor Artsen zonder Grenzen. Van oorsprong is zij kinderverpleegkundige, maar inmiddels is zij lid van ons noodhulpteam en werkt zij als medisch teamleider in crisisgebieden.
Sluit zoeken

Zoekveld