In 1999 werd de Nobelprijs voor de Vrede aan Artsen
zonder Grenzen toegekend, voor zowel het medische werk als het
optreden als pleitbezorger voor mensen en
bevolkingsgroepen in nood.
Fantastische erkenning
Het nieuws bereikt de hulpverleners van Artsen
zonder Grenzen wereldwijd: 'Waarachtig een fantastische erkenning
voor het dagelijks werk dat duizenden collega's in meer dan 80
landen elke dag doen. Deze prijs is voor alle medewerkers van
Artsen zonder Grenzen, voor mijn collega's in China en voor mij.
Iedereen is opgewonden, trots en ontzettend gelukkig. Het Artsen
zonder Grenzen-leven wordt nooit gewoon, maar van alle bijzondere
dagen zal ik deze dag zeker blijven herinneren. Het is een dag met
een gouden rand.' Aldus Dick van der Tak, dan landencoördinator in
China, over het nieuws dat Artsen zonder Grenzen de ‘Nobel Peace
Prize’ was toegekend.
Nobelprijs in ontvangst
Namens Artsen zonder Grenzen neemt arts Marie
Eve Ragenot, die dan net terug is van haar missie in Burundi, het
diploma en de bijbehorende gouden medaille in ontvangst. In de
acceptatiespeech van de ‘Nobel Peace Prize’ doet internationaal
voorzitter James Orbinski een beroep op de Russische president
Jeltsin om beschietingen in Tsjetsjenië te stoppen: ‘Conflicten en
oorlogen zijn een zaak van staten, maar schendingen van het
humanitaire recht, oorlogsmisdaden en misdaden tegen de
menselijkheid gaan ons allemaal aan’.