Eind 2024 kwamen er meldingen binnen van Soedanese vrouwen in Oost-Tsjaad. Zij beschuldigden medewerkers van Artsen zonder Grenzen (AzG) van seksuele uitbuiting en misbruik. Artsen zonder Grenzen stuurde direct meerdere onderzoeksteams om gevallen op te sporen en te onderzoeken.
In de maanden daarna werden 59 meldingen van wangedrag gevonden. Het ging om seksuele intimidatie, uitbuiting en misbruik. De meldingen betroffen verschillende soorten werknemers, zoals vaste medewerkers, dagloners, externe aannemers en leveranciers.
Een deel van de meldingen werd bevestigd. Andere konden niet worden bewezen, omdat slachtoffers of daders soms niet te identificeren waren. Wanneer ernstig wangedrag werd vastgesteld, zijn onmiddellijk maatregelen getroffen.
In totaal zijn 18 medewerkers ontslagen. Zij mogen niet meer voor Artsen zonder Grenzen werken. Volgens Laura Leyser, secretaris-generaal van Artsen zonder Grenzen, is “dit gedrag een ernstige schending van onze waarden en verantwoordelijkheden. Artsen zonder Grenzen erkent het leed van de slachtoffers en betreurt het diep dat dit is gebeurd. We hebben als organisatie de plicht om de veiligheid van onze patiënten te waarborgen, misbruik te voorkomen en er streng tegen op te treden.”