Noodhulpcoördinator Carla Melki.  ©Pierre Fromentin/MSF

Carla Melki

Noodhulpcoördinator

Hoe is de situatie in Odessa?

‘De stad bereidt zich duidelijk voor op een aanval en een belegering. De meeste winkels zijn gesloten, de verkoop van alcohol is verboden, brandstof is gerantsoeneerd en geldopnames zijn beperkt. Het is moeilijk om je te verplaatsen vanwege de files bij de vele checkpoints van de Oekraïense veiligheidstroepen in de stad. De angst is voelbaar.

Met bijna 1 miljoen inwoners is Odessa de op twee na grootste stad van Oekraïne. Het is ook de thuisbasis van een van de meest strategische havens van het land. Niemand heeft illusies over wat er gaat komen. Iedereen bereidt zich voor op het ergste.’

Hoe staat het met de medisch zorg?

‘De ziekenhuizen in Odessa zijn groot en van goede kwaliteit, maar ze zijn niet ingericht om een massale toestroom van oorlogsgewonden of gewonden door granaatscherven op te vangen. Om dit effectief te doen heb je praktijkervaring nodig, daar kunnen onze teams bij helpen. Het meeste medische personeel is nog aanwezig en is niet van plan om te vertrekken. Iedereen werkt hard en is vastbesloten deze crisis het hoofd te bieden, wat er ook gebeurt.’

We weten niet hoeveel tijd er nog is voordat de stad wordt aangevallen. We proberen zoveel mogelijk dingen op te zetten, nu het nog kan. Het is een race tegen de klok.
Noodhulpcoördinator Carla Melki

Welke uitdagingen zie je op korte termijn?

‘Het zorgsysteem in Oekraïne is ernstig ontwricht door de oorlog. De impact hiervan is voelbaar in de logistieke ketens. Het gebrek aan medicijnen en apparatuur is in het hele land een groot probleem. Medicijnen raken op en nieuwe medicijnen moeten van buiten Oekraïne komen. Dit probleem zal de komende weken alleen maar groter worden. De gevolgen voor patiënten met (chronische) ziekten als diabetes of kanker zijn rampzalig.’

Wat gaan onze teams concreet doen om te helpen?

‘In Odessa richten we ons op twee prioriteiten. Ten eerste helpen we ziekenhuizen voorbereiden op de komst van oorlogsgewonden. Dit doen we door ziekenhuispersoneel te trainen in triage en het stabiliseren van patiënten. Ook gaan we helpen bij het opzetten van geavanceerde medische posten. Dit zijn kleine eerstehulpafdelingen die hulp kunnen bieden aan gewonden, voordat ze naar ziekenhuizen worden vervoerd.

Ten tweede willen we helpen met de levering van medicijnen om tekorten te voorkomen. Na de eerste donatie van medicijnen gisteren, volgen de komende dagen nieuwe donaties. Dit is met name te danken aan een samenwerking met Zidebine, een Roemeense NGO die ons helpt medicijnen te kopen en te leveren aan Oekraïne.

We weten niet hoeveel tijd er nog is voordat de stad wordt aangevallen. We proberen zoveel mogelijk dingen op te zetten, nu het nog kan. Het is een race tegen de klok.’